BWBR0040610
Geldig vanaf 2018-02-09
Artikel 7
Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Waterstaat
1. Het directoraat-generaal Water en Bodem staat onder leiding van de directeur-generaal Water en Bodem.
2. Het directoraat-generaal Water en Bodem bestaat uit de volgende dienstonderdelen:
a. de directie Waterveiligheid, Klimaatadaptatie en Bestuur;
b. de directie Waterkwaliteit, Ondergrond en Marien; en
c. het stafbureau directoraat-generaal Water en Bodem.
3. De dienstonderdelen, genoemd in het tweede lid, onder a en b, staan onder leiding van een directeur. Het dienstonderdeel, genoemd in het tweede lid, onder c, staat onder leiding van een afdelingshoofd. De dienstonderdelen, genoemd in het tweede lid, onder a en b, bestaan uit afdelingen die onder leiding staan van een afdelingshoofd.
4. Bij afwezigheid of verhindering van de directeur-generaal Water en Bodem zijn de directeuren-generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken, Milieu en Internationaal en Mobiliteit, bedoeld in de artikelen 4, 5en 6, en de directeuren bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
5. Bij afwezigheid van een directeur zijn de andere directeur en de afdelingshoofden binnen de directie bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
6. Bij afwezigheid of verhindering van een afdelingshoofd binnen een directie zijn de overige afdelingshoofden binnen de directie bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
7. Plaatsvervanging geschiedt voor het overige overeenkomstig daartoe strekkende instructies van de directeur-generaal Water en Bodem.
8. Het directoraat-generaal Water en Bodem heeft tot doel de verdere ontwikkeling van Nederland als een veilige, leefbare, bereikbare en concurrerende delta. Daarmee hebben het directoraat-generaal Water en Bodem en zijn dienstonderdelen de volgende taken:
a. de directie Waterveiligheid, Klimaatadaptatie en Bestuur: het ontwikkelen en implementeren van beleid met betrekking tot: 1°. waterveiligheid;
2°. bestuur en instrumentatie van het waterbeheer en de coördinatie van het opdrachtgeverschap van het Deltaprogramma;
3°. uitvoering en financiering van en toezicht op het waterbeleid, alsmede het monitoren en evalueren van het waterbeleid;
4°. bevordering van innovatie en kennis in het waterdomein;
5°. klimaatadaptatie en nationale adaptatiestrategie; en
6°. gebiedsstudies grote wateren IJsselmeer, Zuidwestelijke Delta en Rijnmond Drechtsteden;
1°. waterveiligheid;
2°. bestuur en instrumentatie van het waterbeheer en de coördinatie van het opdrachtgeverschap van het Deltaprogramma;
3°. uitvoering en financiering van en toezicht op het waterbeleid, alsmede het monitoren en evalueren van het waterbeleid;
4°. bevordering van innovatie en kennis in het waterdomein;
5°. klimaatadaptatie en nationale adaptatiestrategie; en
6°. gebiedsstudies grote wateren IJsselmeer, Zuidwestelijke Delta en Rijnmond Drechtsteden;
b. de directie Waterkwaliteit, Ondergrond en Marien: het ontwikkelen en implementeren van beleid met betrekking tot: 1°. waterkwaliteit en zoetwater;
2°. het instrumentarium van milieueffectrapportage, drinkwatervoorziening en rioleringsbeheer;
3°. bodem en ondergrond;
4°. de Wadden en Eems Dollard;
5°. de uitvoering van de internationale wateraanpak; en
6°. de Noordzee en oceanen; en
1°. waterkwaliteit en zoetwater;
2°. het instrumentarium van milieueffectrapportage, drinkwatervoorziening en rioleringsbeheer;
3°. bodem en ondergrond;
4°. de Wadden en Eems Dollard;
5°. de uitvoering van de internationale wateraanpak; en
6°. de Noordzee en oceanen; en
c. het stafbureau directoraat-generaal Water en Bodem: het ondersteunen van het directoraat-generaal Water en Bodem.
2. Het directoraat-generaal Water en Bodem bestaat uit de volgende dienstonderdelen:
a. de directie Waterveiligheid, Klimaatadaptatie en Bestuur;
b. de directie Waterkwaliteit, Ondergrond en Marien; en
c. het stafbureau directoraat-generaal Water en Bodem.
3. De dienstonderdelen, genoemd in het tweede lid, onder a en b, staan onder leiding van een directeur. Het dienstonderdeel, genoemd in het tweede lid, onder c, staat onder leiding van een afdelingshoofd. De dienstonderdelen, genoemd in het tweede lid, onder a en b, bestaan uit afdelingen die onder leiding staan van een afdelingshoofd.
4. Bij afwezigheid of verhindering van de directeur-generaal Water en Bodem zijn de directeuren-generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken, Milieu en Internationaal en Mobiliteit, bedoeld in de artikelen 4, 5en 6, en de directeuren bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
5. Bij afwezigheid van een directeur zijn de andere directeur en de afdelingshoofden binnen de directie bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
6. Bij afwezigheid of verhindering van een afdelingshoofd binnen een directie zijn de overige afdelingshoofden binnen de directie bevoegd om als plaatsvervanger op te treden.
7. Plaatsvervanging geschiedt voor het overige overeenkomstig daartoe strekkende instructies van de directeur-generaal Water en Bodem.
8. Het directoraat-generaal Water en Bodem heeft tot doel de verdere ontwikkeling van Nederland als een veilige, leefbare, bereikbare en concurrerende delta. Daarmee hebben het directoraat-generaal Water en Bodem en zijn dienstonderdelen de volgende taken:
a. de directie Waterveiligheid, Klimaatadaptatie en Bestuur: het ontwikkelen en implementeren van beleid met betrekking tot: 1°. waterveiligheid;
2°. bestuur en instrumentatie van het waterbeheer en de coördinatie van het opdrachtgeverschap van het Deltaprogramma;
3°. uitvoering en financiering van en toezicht op het waterbeleid, alsmede het monitoren en evalueren van het waterbeleid;
4°. bevordering van innovatie en kennis in het waterdomein;
5°. klimaatadaptatie en nationale adaptatiestrategie; en
6°. gebiedsstudies grote wateren IJsselmeer, Zuidwestelijke Delta en Rijnmond Drechtsteden;
1°. waterveiligheid;
2°. bestuur en instrumentatie van het waterbeheer en de coördinatie van het opdrachtgeverschap van het Deltaprogramma;
3°. uitvoering en financiering van en toezicht op het waterbeleid, alsmede het monitoren en evalueren van het waterbeleid;
4°. bevordering van innovatie en kennis in het waterdomein;
5°. klimaatadaptatie en nationale adaptatiestrategie; en
6°. gebiedsstudies grote wateren IJsselmeer, Zuidwestelijke Delta en Rijnmond Drechtsteden;
b. de directie Waterkwaliteit, Ondergrond en Marien: het ontwikkelen en implementeren van beleid met betrekking tot: 1°. waterkwaliteit en zoetwater;
2°. het instrumentarium van milieueffectrapportage, drinkwatervoorziening en rioleringsbeheer;
3°. bodem en ondergrond;
4°. de Wadden en Eems Dollard;
5°. de uitvoering van de internationale wateraanpak; en
6°. de Noordzee en oceanen; en
1°. waterkwaliteit en zoetwater;
2°. het instrumentarium van milieueffectrapportage, drinkwatervoorziening en rioleringsbeheer;
3°. bodem en ondergrond;
4°. de Wadden en Eems Dollard;
5°. de uitvoering van de internationale wateraanpak; en
6°. de Noordzee en oceanen; en
c. het stafbureau directoraat-generaal Water en Bodem: het ondersteunen van het directoraat-generaal Water en Bodem.