BWBR0020764
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 5:38
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Behalve de verwachte positieve positie (EPE), meet en beheert de financiële onderneming ook actuele posities. Indien nodig, meet de financiële onderneming de actuele positie met en zonder in aanmerkingneming van gestelde zekerheden.
2. Aan de gebruikstest is voldaan indien de financiële onderneming gebruik maakt van andere CCR-metingen, zoals de maximumpositie of de potentiële toekomstige positie (potential future exposure – PFE) op basis van de verdeling van de posities welke resulteert uit hetzelfde model voor de berekening van de EPE.
3. De financiële onderneming is in staat de EE dagelijks te ramen, tenzij zij aan DNB kan aantonen dat haar CCR-posities een minder frequente berekening rechtvaardigen. Zij berekent de EE langs het tijdsprofiel van prognosehorizonten waarin adequaat de tijdsstructuur van de toekomstige kasstromen en de looptijd van de contracten tot uiting komen, en op een wijze die consistent is met het belang en de samenstelling van de positie.
2. Aan de gebruikstest is voldaan indien de financiële onderneming gebruik maakt van andere CCR-metingen, zoals de maximumpositie of de potentiële toekomstige positie (potential future exposure – PFE) op basis van de verdeling van de posities welke resulteert uit hetzelfde model voor de berekening van de EPE.
3. De financiële onderneming is in staat de EE dagelijks te ramen, tenzij zij aan DNB kan aantonen dat haar CCR-posities een minder frequente berekening rechtvaardigen. Zij berekent de EE langs het tijdsprofiel van prognosehorizonten waarin adequaat de tijdsstructuur van de toekomstige kasstromen en de looptijd van de contracten tot uiting komen, en op een wijze die consistent is met het belang en de samenstelling van de positie.
- Citeren als
- Art. 5:38
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl