BWBR0020764
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 4:83
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Ten aanzien van garanties die door – in het kader van voor deze doeleinden door DNB erkende – onderlinge borgtochtmaatschappijen zijn verstrekt, dan wel die zijn verstrekt of waarvoor een contragarantie is verschaft door de in artikel 4:81, eerste lid bedoelde entiteiten, wordt aangenomen dat aan artikel 4:82, eerste lid, onderdeel a, is voldaan, indien:
a. de leningverstrekkende financiële onderneming het recht heeft op een zo spoedig mogelijke voorlopige betaling door de garantiegever, die in redelijke verhouding staat tot de omvang van het economische verlies dat vermoedelijk door de leningverstrekkende financiële onderneming zal worden geleden en de door de garantie geboden dekking; of
b. de leningverstrekkende financiële onderneming de door de garantie geboden protectie tegen economische verliezen aantoont.
2. Voor de toepassing van het vorige lid wordt onder ‘economisch verlies’ tevens verstaan: de verliezen die voortvloeien uit de niet-betaling van rente en van andere soorten betalingen die de leningnemer verplicht is te verrichten.
a. de leningverstrekkende financiële onderneming het recht heeft op een zo spoedig mogelijke voorlopige betaling door de garantiegever, die in redelijke verhouding staat tot de omvang van het economische verlies dat vermoedelijk door de leningverstrekkende financiële onderneming zal worden geleden en de door de garantie geboden dekking; of
b. de leningverstrekkende financiële onderneming de door de garantie geboden protectie tegen economische verliezen aantoont.
2. Voor de toepassing van het vorige lid wordt onder ‘economisch verlies’ tevens verstaan: de verliezen die voortvloeien uit de niet-betaling van rente en van andere soorten betalingen die de leningnemer verplicht is te verrichten.
- Citeren als
- Art. 4:83
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl