BWBR0020764
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 4:81
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Een garantie met een contragarantie van een centrale overheid, een centrale bank, een regionale of lokale overheid of een publiekrechtelijk lichaam, kan in aanmerking worden genomen als een rechtstreekse garantie van voornoemde entiteiten, indien:
a. de vordering op deze overheden in de Standaardbenadering worden behandeld als vorderingen op de centrale overheid in wier rechtsgebied deze gevestigd zijn, als vorderingen op een multilaterale ontwikkelingsbank of een internationale organisatie waarop een risicogewicht van 0% wordt toegepast, respectievelijk als vorderingen op een publiekrechtelijk lichaam die als vorderingen op financiële ondernemingen worden behandeld;
b. de contragarantie alle kredietrisico-aspecten van de onderliggende vordering dekt;
c. zowel de oorspronkelijke garantie als de contragarantie aan de artikelen 4:79 en 4:82, eerste lid, voldoen, met dien verstande dat de contragarantie niet rechtstreeks hoeft te zijn; en
d. de dekking deugdelijk is en niets in de historische gegevens erop wijst dat de dekking van de contragarantie niet effectief gelijkwaardig is aan die van een rechtstreekse garantie door de entiteit in kwestie.
2. Voor de toepassing van het eerste lid, komt ook een vordering met een tegengarantie van een andere dan de in dat lid genoemde entiteiten voor de behandeling als garantie in aanmerking, indien die tegengarantie op zijn beurt rechtstreeks wordt gedekt door een van de genoemde entiteiten en aan de onderdelen a tot en met d van het eerste lid is voldaan.
a. de vordering op deze overheden in de Standaardbenadering worden behandeld als vorderingen op de centrale overheid in wier rechtsgebied deze gevestigd zijn, als vorderingen op een multilaterale ontwikkelingsbank of een internationale organisatie waarop een risicogewicht van 0% wordt toegepast, respectievelijk als vorderingen op een publiekrechtelijk lichaam die als vorderingen op financiële ondernemingen worden behandeld;
b. de contragarantie alle kredietrisico-aspecten van de onderliggende vordering dekt;
c. zowel de oorspronkelijke garantie als de contragarantie aan de artikelen 4:79 en 4:82, eerste lid, voldoen, met dien verstande dat de contragarantie niet rechtstreeks hoeft te zijn; en
d. de dekking deugdelijk is en niets in de historische gegevens erop wijst dat de dekking van de contragarantie niet effectief gelijkwaardig is aan die van een rechtstreekse garantie door de entiteit in kwestie.
2. Voor de toepassing van het eerste lid, komt ook een vordering met een tegengarantie van een andere dan de in dat lid genoemde entiteiten voor de behandeling als garantie in aanmerking, indien die tegengarantie op zijn beurt rechtstreeks wordt gedekt door een van de genoemde entiteiten en aan de onderdelen a tot en met d van het eerste lid is voldaan.
- Citeren als
- Art. 4:81
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl