BWBR0010788
Geldig vanaf 1999-10-26
Artikel 4
Beleidsregels bestuurlijke boeten Bureau Heffingen 1999
1. De inspecteur maakt een keuze tussen het opleggen van een verzuimboete en het opleggen van een vergrijpboete indien de heffingplichtige:
a. geen aangifte doet van de varkensheffing;
b. niet, gedeeltelijk niet, of niet tijdig de verschuldigde forfaitaire mineralenheffingen, de verschuldigde verfijnde mineralenheffingen, de verschuldigde heffing van intermediaire ondernemingen of de verschuldigde bestemmingsheffing, betaalt.
2. Een eenmaal opgelegde verzuimboetesluit het opleggen van een vergrijpboete voor hetzelfde feit uit. Een eenmaal opgelegde vergrijpboete sluit het opleggen van een verzuimboete voor hetzelfde feit uit.
a. geen aangifte doet van de varkensheffing;
b. niet, gedeeltelijk niet, of niet tijdig de verschuldigde forfaitaire mineralenheffingen, de verschuldigde verfijnde mineralenheffingen, de verschuldigde heffing van intermediaire ondernemingen of de verschuldigde bestemmingsheffing, betaalt.
2. Een eenmaal opgelegde verzuimboetesluit het opleggen van een vergrijpboete voor hetzelfde feit uit. Een eenmaal opgelegde vergrijpboete sluit het opleggen van een verzuimboete voor hetzelfde feit uit.