BWBR0009939
Geldig vanaf 1998-10-29
Artikel 6
Regeling eenmalige subsidies niet-winstbeogende instellingen
De subsidievaststelling heeft tot gevolg dat:
a. een verbintenis van het Rijk jegens de subsidie-ontvanger uit hoofde van geldelijke steun die verleend is krachtens een DKP-regeling, teniet gaat voorzover deze betrekking heeft op het tijdvak vanaf 1 januari 1998;
b. aanspraken van het Rijk op de subsidie-ontvanger of de gemeente waaraan ten gunste van de subsidie-ontvanger geldelijke steun is verleend, als gevolg van herziening van beschikkingen op grond van een DKP-regeling vervallen, en
c. aanspraken van de subsidie-ontvanger op het Rijk als gevolg van herziening van beschikkingen op grond van een DKP-regeling vervallen.
a. een verbintenis van het Rijk jegens de subsidie-ontvanger uit hoofde van geldelijke steun die verleend is krachtens een DKP-regeling, teniet gaat voorzover deze betrekking heeft op het tijdvak vanaf 1 januari 1998;
b. aanspraken van het Rijk op de subsidie-ontvanger of de gemeente waaraan ten gunste van de subsidie-ontvanger geldelijke steun is verleend, als gevolg van herziening van beschikkingen op grond van een DKP-regeling vervallen, en
c. aanspraken van de subsidie-ontvanger op het Rijk als gevolg van herziening van beschikkingen op grond van een DKP-regeling vervallen.