BWBR0007667
Geldig vanaf 1996-01-01
Artikel 10
Bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterenbescherming
1. Degene die een bouwstof gebruikt op of in de bodem, draagt er zorg voor dat die bouwstof:
a. niet met de bodem wordt vermengd;
b. kan worden verwijderd en
c. wordt verwijderd in geval het deel van het werk waarvan de bouwstof deel uitmaakt, wordt verwijderd.
2. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder c, wordt een categorie 1-bouwstof niet verwijderd, indien het verwijderen van die bouwstof tot een grotere aantasting van de bodem ter plaatse van die bouwstof leidt dan het niet verwijderen van die bouwstof.
a. niet met de bodem wordt vermengd;
b. kan worden verwijderd en
c. wordt verwijderd in geval het deel van het werk waarvan de bouwstof deel uitmaakt, wordt verwijderd.
2. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder c, wordt een categorie 1-bouwstof niet verwijderd, indien het verwijderen van die bouwstof tot een grotere aantasting van de bodem ter plaatse van die bouwstof leidt dan het niet verwijderen van die bouwstof.