BWBR0006746
Geldig vanaf 2001-06-02
Artikel 5.2.64
Voertuigreglement
1. Personenauto’s mogen, met uitzondering van grote lichten, niet zijn voorzien van verblindende verlichting.
2. Personenauto’s mogen, met uitzondering van de richtingaanwijzers en de waarschuwingsknipperlichten, niet zijn voorzien van knipperende verlichting.
3. Het tweede lid is niet van toepassing op personenauto’s in gebruik bij de in artikel 29, eerste lid, en artikel 30b van het RVV 1990bedoelde diensten.
2. Personenauto’s mogen, met uitzondering van de richtingaanwijzers en de waarschuwingsknipperlichten, niet zijn voorzien van knipperende verlichting.
3. Het tweede lid is niet van toepassing op personenauto’s in gebruik bij de in artikel 29, eerste lid, en artikel 30b van het RVV 1990bedoelde diensten.