BWBR0006746
Geldig vanaf 2001-06-02
Artikel 5.1.7
Voertuigreglement
1. Het is de bestuurder van een personenauto of bedrijfsauto met een referentiemassa van niet meer dan 1305 kg, niet zijnde een bus, die in gebruik is genomen na 31 december 2011 en reeds vóór de datum van eerste ingebruikname van een klimaatregelingssysteem is voorzien, verboden dit klimaatregelingssysteem te vullen of te laten vullen met gefluoreerde broeikasgassen met een aardopwarmingsvermogen van meer dan 150.
2. Het is de bestuurder van een personenauto of bedrijfsauto met een referentiemassa van niet meer dan 1305 kg, niet zijnde een bus, welke is voorzien van een klimaatregelingssysteem, verboden dit klimaatregelingssysteem te vullen of te laten vullen met gefluoreerde broeikasgassen met een aardopwarmingsvermogen van meer dan 150, tenzij het voertuig in gebruik is genomen voor 1 januari 2018 en het klimaatregelingssysteem reeds dergelijke gassen bevat.
3. Het is de bestuurder van een personenauto of bedrijfsauto met een referentiemassa van niet meer dan 1305 kg, niet zijnde bussen, die is voorzien van een klimaatregelingssysteem waaruit een abnormale hoeveelheid koelvloeistof lekt, verboden dit klimaatregelingssysteem bij te vullen of te laten bijvullen met gefluoreerde broeikasgassen dan nadat de noodzakelijke herstelling is voltooid.
2. Het is de bestuurder van een personenauto of bedrijfsauto met een referentiemassa van niet meer dan 1305 kg, niet zijnde een bus, welke is voorzien van een klimaatregelingssysteem, verboden dit klimaatregelingssysteem te vullen of te laten vullen met gefluoreerde broeikasgassen met een aardopwarmingsvermogen van meer dan 150, tenzij het voertuig in gebruik is genomen voor 1 januari 2018 en het klimaatregelingssysteem reeds dergelijke gassen bevat.
3. Het is de bestuurder van een personenauto of bedrijfsauto met een referentiemassa van niet meer dan 1305 kg, niet zijnde bussen, die is voorzien van een klimaatregelingssysteem waaruit een abnormale hoeveelheid koelvloeistof lekt, verboden dit klimaatregelingssysteem bij te vullen of te laten bijvullen met gefluoreerde broeikasgassen dan nadat de noodzakelijke herstelling is voltooid.