BWBR0002667
Geldig vanaf 2025-01-01
Artikel 30
Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen
1. De houder van een vergunning voor een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wetvangt aan met de buitengebruikstelling en de ontmanteling van die inrichting onmiddellijk nadat de normale bedrijfsvoering is beëindigd.
2. De Autoriteit kan in bijzondere omstandigheden toestaan dat op een later tijdstip met de buitengebruikstelling en de ontmanteling van de inrichting wordt aangevangen.
3. De houder van een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wetvoltooit de buitengebruikstelling en de ontmanteling van die inrichting zo snel als redelijkerwijs mogelijk is.
2. De Autoriteit kan in bijzondere omstandigheden toestaan dat op een later tijdstip met de buitengebruikstelling en de ontmanteling van de inrichting wordt aangevangen.
3. De houder van een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wetvoltooit de buitengebruikstelling en de ontmanteling van die inrichting zo snel als redelijkerwijs mogelijk is.