BWBR0002526
Geldig vanaf 1966-06-01
Artikel 4
Reglement op de Raccordementen 1966
1. De grootste toegelaten snelheid van raccordementstreinen bedraagt 30 km per uur. Onze Minister kan voor een raccordement of een gedeelde daarvan, onder nader door hem te bepalen regelen, een grotere toegelaten snelheid dan 30 km per uur vaststellen.
2. Onze Minister kan, met inachtneming van het bepaalde in het vorige lid, voor elk raccordement of gedeelte daarvan, in het belang van het veilig verkeer over het raccordement, de grootste toegelaten snelheid van vervoer vaststellen. De snelheid van de raccordementstrein mag niet groter zijn dan de aldus vastgestelde.
3. Alvorens een voorschrift als bedoeld in het tweede lid te geven wint Onze Minister het gevoelen in van bestuurders en, voor zover het betreft een voor het openbaar verkeer openstaande overweg of overpad dan wel een gedeelte van het raccordement dat in een voor het openbaar verkeer openstaande weg is gelegen, van de wegbeheerder; is de weg of het pad niet in beheer bij de gemeente, dan wordt ook het college van burgemeester en wethouders gehoord.
2. Onze Minister kan, met inachtneming van het bepaalde in het vorige lid, voor elk raccordement of gedeelte daarvan, in het belang van het veilig verkeer over het raccordement, de grootste toegelaten snelheid van vervoer vaststellen. De snelheid van de raccordementstrein mag niet groter zijn dan de aldus vastgestelde.
3. Alvorens een voorschrift als bedoeld in het tweede lid te geven wint Onze Minister het gevoelen in van bestuurders en, voor zover het betreft een voor het openbaar verkeer openstaande overweg of overpad dan wel een gedeelte van het raccordement dat in een voor het openbaar verkeer openstaande weg is gelegen, van de wegbeheerder; is de weg of het pad niet in beheer bij de gemeente, dan wordt ook het college van burgemeester en wethouders gehoord.