BWBR0002526
Geldig vanaf 1966-06-01
Artikel 1
Reglement op de Raccordementen 1966
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. Minister: Onze Minister, belast met de uitvoering van de Locaalspoor- en Tramwegwet;
b. raccordement: spoorweg, welke niet voor het openbaar vervoer van personen of van goederen is opengesteld en welke aansluit aan een spoorweg, bedoeld in de Spoorwegwet, aan een lokaalspoorweg of aan een tramweg;
c. bestuurders: bestuurders van de onderneming die de dienst op het raccordement verzorgt;
d. raccordementsbeambte: een lid van het personeel van de onderneming die de dienst op het raccordement verzorgt, belast met werkzaamheden, welke in enig opzicht van invloed kunnen zijn op het veilig gebruik van het raccordement;
e. krachtvoertuig: het voertuig, waarvan de bewegende kracht uitgaat, bestemd voor vervoer langs spoorstaven;
f. machinist: degene die belast is met de bediening van een krachtvoertuig;
g. rijtuig: elk voertuig, geheel of gedeeltelijk ingericht voor het vervoer van personen, bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen;
h. wagen: elk voertuig, geheel of gedeeltelijk ingericht voor het vervoer van goederen of levende dieren, bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen;
i. raccordementstrein: elk krachtvoertuig in dienstvaardige staat, met of zonder andere voertuigen;
j. overweg: gelijkvloerse kruising van een raccordement en een weg;
k. nacht: de tijd tussen vijftien minuten na zonsondergang en vijftien minuten voor zonsopgang.
a. Minister: Onze Minister, belast met de uitvoering van de Locaalspoor- en Tramwegwet;
b. raccordement: spoorweg, welke niet voor het openbaar vervoer van personen of van goederen is opengesteld en welke aansluit aan een spoorweg, bedoeld in de Spoorwegwet, aan een lokaalspoorweg of aan een tramweg;
c. bestuurders: bestuurders van de onderneming die de dienst op het raccordement verzorgt;
d. raccordementsbeambte: een lid van het personeel van de onderneming die de dienst op het raccordement verzorgt, belast met werkzaamheden, welke in enig opzicht van invloed kunnen zijn op het veilig gebruik van het raccordement;
e. krachtvoertuig: het voertuig, waarvan de bewegende kracht uitgaat, bestemd voor vervoer langs spoorstaven;
f. machinist: degene die belast is met de bediening van een krachtvoertuig;
g. rijtuig: elk voertuig, geheel of gedeeltelijk ingericht voor het vervoer van personen, bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen;
h. wagen: elk voertuig, geheel of gedeeltelijk ingericht voor het vervoer van goederen of levende dieren, bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen;
i. raccordementstrein: elk krachtvoertuig in dienstvaardige staat, met of zonder andere voertuigen;
j. overweg: gelijkvloerse kruising van een raccordement en een weg;
k. nacht: de tijd tussen vijftien minuten na zonsondergang en vijftien minuten voor zonsopgang.