BWBR0050941
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 2.1.10
Besluit bemanning zeeschepen
1. Een regeling als bedoeld in artikel 19, vierde lid, van de wetbevat ten minste:
a. een klachtenprocedure ten behoeve van eerste stuurlieden, respectievelijk eerste maritieme officieren die naar hun oordeel op onjuiste gronden niet zijn aangesteld in de functie van kapitein van een zeeschip;
b. de vaststelling van de werkzaamheden van de commissie, bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van de wet; en
c. de wijze van verkrijging van bij ministeriële regeling aangegeven informatie over de arbeidsmarkt voor Nederlandse zeevarenden, welke jaarlijks vóór 1 oktober aan Onze Minister moet worden verstrekt.
2. Voorafgaand aan de vaststelling of wijziging van een regeling als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de wetpleegt Onze Minister overleg daarover met de werkgevers- en werknemersorganisaties in de sector koopvaardij, respectievelijk de sector zeegaande waterbouw.
a. een klachtenprocedure ten behoeve van eerste stuurlieden, respectievelijk eerste maritieme officieren die naar hun oordeel op onjuiste gronden niet zijn aangesteld in de functie van kapitein van een zeeschip;
b. de vaststelling van de werkzaamheden van de commissie, bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van de wet; en
c. de wijze van verkrijging van bij ministeriële regeling aangegeven informatie over de arbeidsmarkt voor Nederlandse zeevarenden, welke jaarlijks vóór 1 oktober aan Onze Minister moet worden verstrekt.
2. Voorafgaand aan de vaststelling of wijziging van een regeling als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de wetpleegt Onze Minister overleg daarover met de werkgevers- en werknemersorganisaties in de sector koopvaardij, respectievelijk de sector zeegaande waterbouw.