BWBR0049781
Geldig vanaf 2025-06-13
Artikel 20
Subsidieregeling Landelijk dekkend netwerk onderwijsregio’s
1. De partijen in de onderwijsregio sluiten met het oog op hun samenwerking een samenwerkingsovereenkomst.
2. De samenwerkingsovereenkomst beschrijft minimaal:
a. de wijze waarop taken en verantwoordelijkheden van de partijen bijdragen aan de werkzaamheden van de onderwijsregio, bedoeld in het activiteitenplan;
b. de wijze waarop de governance in de onderwijsregio is vormgegeven en hoe de besluitvorming plaatsvindt;
c. de wijze waarop de middelen verdeeld worden;
d. de wijze waarop en welke informatie door de partijen in de onderwijsregio wordt gedeeld zodat de penvoerder aan diens verplichtingen richting de subsidieverstrekker kan voldoen;
e. de wijze waarop partijen kunnen toetreden of uittreden tot de onderwijsregio; en
f. de duur van de samenwerkingsovereenkomst voor minimaal de periode voor het uitvoeren van het activiteitenplan, bedoeld in artikel 19, tot en met de verantwoording van de besteding van de subsidie, bedoeld in artikel 24.
3. De partijen die deelnemen aan de onderwijsregio verklaren in elk geval dat:
a. de penvoerder wordt gemachtigd om namens hen te handelen en in het kader van de subsidieverstrekking in en buiten rechte te vertegenwoordigen; en
b. alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording van de subsidie op verzoek van de penvoerder worden verstrekt.
4. Voor de samenwerkingsovereenkomst kan gebruik gemaakt worden van het format dat daartoe op de website van de DUS-I beschikbaar wordt gesteld.
2. De samenwerkingsovereenkomst beschrijft minimaal:
a. de wijze waarop taken en verantwoordelijkheden van de partijen bijdragen aan de werkzaamheden van de onderwijsregio, bedoeld in het activiteitenplan;
b. de wijze waarop de governance in de onderwijsregio is vormgegeven en hoe de besluitvorming plaatsvindt;
c. de wijze waarop de middelen verdeeld worden;
d. de wijze waarop en welke informatie door de partijen in de onderwijsregio wordt gedeeld zodat de penvoerder aan diens verplichtingen richting de subsidieverstrekker kan voldoen;
e. de wijze waarop partijen kunnen toetreden of uittreden tot de onderwijsregio; en
f. de duur van de samenwerkingsovereenkomst voor minimaal de periode voor het uitvoeren van het activiteitenplan, bedoeld in artikel 19, tot en met de verantwoording van de besteding van de subsidie, bedoeld in artikel 24.
3. De partijen die deelnemen aan de onderwijsregio verklaren in elk geval dat:
a. de penvoerder wordt gemachtigd om namens hen te handelen en in het kader van de subsidieverstrekking in en buiten rechte te vertegenwoordigen; en
b. alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording van de subsidie op verzoek van de penvoerder worden verstrekt.
4. Voor de samenwerkingsovereenkomst kan gebruik gemaakt worden van het format dat daartoe op de website van de DUS-I beschikbaar wordt gesteld.