BWBR0048883
Geldig vanaf 2023-11-15
Artikel 13
Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024–2027
1. Het plan van aanpak sluit logisch aan bij de door het bevoegd gezag vastgestelde en de door de minister goedgekeurde kwaliteitsagenda, bedoeld in artikel 6 van de Regeling kwaliteitsafspraken mbo 2024–2027.
2. In het plan van aanpak wordt de visie beschreven hoe het samenwerkingsverband bijdraagt aan de aansluiting tussen de beroepsopleidingen en het aanbod van de arbeidsmarkt van de desbetreffende regio waarin de publieke-private samenwerking plaatsvindt. Tevens bevat het plan van aanpak de wijze hoe het samenwerkingsverband wordt ingericht.
3. Het plan van aanpak wordt opgesteld conform het format dat op de website van DUS-I beschikbaar wordt gesteld en bevat in ieder geval:
a. de doelstellingen en de concrete resultaten die het samenwerkingsverband nastreeft;
b. de visie, bedoeld in de eerste volzin van het tweede lid;
c. een overzicht van de kwalificatie of de kwalificaties en de beroepsopleiding of beroepsopleidingen waarop het samenwerkingsverband betrekking heeft;
d. een beschrijving van de regio waarvoor het samenwerkingsverband actief is;
e. de regionale of sectorale vraagstukken, kwantitatief en kwalitatief, waar het samenwerkingsverband een bijdrage aan gaat leveren;
f. een beschrijving van de samenstelling van het samenwerkingsverband, alsmede een onderbouwing van deze keuze;
g. een omschrijving waaruit de verdeling van de taken tussen de partijen van het samenwerkingsverband blijkt en onderbouwing waaruit blijkt dat partijen in staat zijn om het voorstel binnen de subsidieperiode uit te voeren;
h. een risicoanalyse en een beschrijving van de wijze waarop deze potentiële risico’s worden aangepakt;
i. een beschrijving van de wijze waarop de voortgang van het samenwerkingsverband wordt geëvalueerd en indien nodig bijgesteld;
j. een beschrijving van het draagvlak voor het project onder docenten en studenten en de wijze waarop deze worden betrokken bij de vormgeving van het project;
k. een omschrijving dat de aanvraag aansluit bij het uitgangspunt van een doelmatig aanbod van beroepsopleidingen tussen onderwijsinstellingen; en
l. in geval van een project als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, tevens een beschrijving van de wijze waarop wordt voortgebouwd op het project waarvan de subsidieperiode is afgerond.
2. In het plan van aanpak wordt de visie beschreven hoe het samenwerkingsverband bijdraagt aan de aansluiting tussen de beroepsopleidingen en het aanbod van de arbeidsmarkt van de desbetreffende regio waarin de publieke-private samenwerking plaatsvindt. Tevens bevat het plan van aanpak de wijze hoe het samenwerkingsverband wordt ingericht.
3. Het plan van aanpak wordt opgesteld conform het format dat op de website van DUS-I beschikbaar wordt gesteld en bevat in ieder geval:
a. de doelstellingen en de concrete resultaten die het samenwerkingsverband nastreeft;
b. de visie, bedoeld in de eerste volzin van het tweede lid;
c. een overzicht van de kwalificatie of de kwalificaties en de beroepsopleiding of beroepsopleidingen waarop het samenwerkingsverband betrekking heeft;
d. een beschrijving van de regio waarvoor het samenwerkingsverband actief is;
e. de regionale of sectorale vraagstukken, kwantitatief en kwalitatief, waar het samenwerkingsverband een bijdrage aan gaat leveren;
f. een beschrijving van de samenstelling van het samenwerkingsverband, alsmede een onderbouwing van deze keuze;
g. een omschrijving waaruit de verdeling van de taken tussen de partijen van het samenwerkingsverband blijkt en onderbouwing waaruit blijkt dat partijen in staat zijn om het voorstel binnen de subsidieperiode uit te voeren;
h. een risicoanalyse en een beschrijving van de wijze waarop deze potentiële risico’s worden aangepakt;
i. een beschrijving van de wijze waarop de voortgang van het samenwerkingsverband wordt geëvalueerd en indien nodig bijgesteld;
j. een beschrijving van het draagvlak voor het project onder docenten en studenten en de wijze waarop deze worden betrokken bij de vormgeving van het project;
k. een omschrijving dat de aanvraag aansluit bij het uitgangspunt van een doelmatig aanbod van beroepsopleidingen tussen onderwijsinstellingen; en
l. in geval van een project als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, tevens een beschrijving van de wijze waarop wordt voortgebouwd op het project waarvan de subsidieperiode is afgerond.