BWBR0044008
Geldig vanaf 2020-08-19
Artikel 23
Beheersregeling Archiefbeheer AZ 2020
1. Bij reorganisatie zorgt de archiefbeheerder voor het afsluiten van het archief van het betreffende archiefvormend onderdeel. Het nieuwe organisatieonderdeel begint met een nieuw archief.
2. Bij reorganisatie draagt het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel zorg voor de overdracht van de archiefbescheiden betreffende zaken die op het moment van de reorganisatie niet zijn afgedaan aan het organisatieonderdeel of het orgaan dat voortaan verantwoordelijk is voor de afdoening van deze zaken, hetzij een organisatieonderdeel binnen het ministerie, hetzij een extern overheidsorgaan.
3. Als een overdracht van archiefbescheiden als bedoeld in het tweede lid binnen het ministerie plaatsvindt, laat het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel een verklaring van overdracht opmaken.
4. Indien een overdracht van archiefbescheiden als bedoeld in het tweede lid aan een overheidsorgaan buiten het ministerie plaatsvindt, laat het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel een verklaring van vervreemding opmaken. Hierbij wordt de in artikel 18beschreven procedure gevolgd.
5. In geval van reorganisatie draagt het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel zorg voor de overdracht aan de archiefbeheerder van de archiefbescheiden betreffende zaken die op het moment van de reorganisatie reeds zijn afgesloten en niet meer noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taken.
2. Bij reorganisatie draagt het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel zorg voor de overdracht van de archiefbescheiden betreffende zaken die op het moment van de reorganisatie niet zijn afgedaan aan het organisatieonderdeel of het orgaan dat voortaan verantwoordelijk is voor de afdoening van deze zaken, hetzij een organisatieonderdeel binnen het ministerie, hetzij een extern overheidsorgaan.
3. Als een overdracht van archiefbescheiden als bedoeld in het tweede lid binnen het ministerie plaatsvindt, laat het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel een verklaring van overdracht opmaken.
4. Indien een overdracht van archiefbescheiden als bedoeld in het tweede lid aan een overheidsorgaan buiten het ministerie plaatsvindt, laat het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel een verklaring van vervreemding opmaken. Hierbij wordt de in artikel 18beschreven procedure gevolgd.
5. In geval van reorganisatie draagt het verantwoordelijke diensthoofd van het archiefvormend onderdeel zorg voor de overdracht aan de archiefbeheerder van de archiefbescheiden betreffende zaken die op het moment van de reorganisatie reeds zijn afgesloten en niet meer noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taken.