BWBR0034213
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 5.10
Uitvoeringsregeling stralingsbescherming
Het verbod, bedoeld in artikel 29 van de wet, in samenhang met artikel 26, eerste lid, van het besluit, geldt niet voor:
a. het voorhanden hebben voor opslag, mits het totaal aantal melders, al dan niet in combinatie met andere merken en typen dan in bijlage 5.5 zijn aangewezen, dat op dezelfde plaats in opslag wordt gehouden, niet meer dan 500 stuks bedraagt;
b. het voorhanden hebben en toepassen van een goedgekeurde melder;
c. het voorhanden hebben en toepassen in verband met het aanbrengen, verwijderen en demonstreren van een goedgekeurde melder;
d. het zich door afgifte aan een ander ontdoen van een goedgekeurde melder in gevallen waarin deze overeenkomstig deze regeling zonder vergunning voorhanden wordt gehouden.
a. het voorhanden hebben voor opslag, mits het totaal aantal melders, al dan niet in combinatie met andere merken en typen dan in bijlage 5.5 zijn aangewezen, dat op dezelfde plaats in opslag wordt gehouden, niet meer dan 500 stuks bedraagt;
b. het voorhanden hebben en toepassen van een goedgekeurde melder;
c. het voorhanden hebben en toepassen in verband met het aanbrengen, verwijderen en demonstreren van een goedgekeurde melder;
d. het zich door afgifte aan een ander ontdoen van een goedgekeurde melder in gevallen waarin deze overeenkomstig deze regeling zonder vergunning voorhanden wordt gehouden.