BWBR0034213
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 4.2
Uitvoeringsregeling stralingsbescherming
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
– bergplaats: ruimte die uitsluitend wordt gebruikt voor de opslag van radioactieve stoffen;
– besmettingscontrole: controle van een oppervlak of een voorwerp, niet zijnde een ingekapselde bron, op radioactieve besmetting, waarbij het volgende in aanmerking wordt genomen: 1°. het oppervlak dat wordt afgewreven bedraagt circa 5 cm2;
2°. de detectielimiet van de meting bedraagt voor alle nucliden maximaal 2 becquerel;
1°. het oppervlak dat wordt afgewreven bedraagt circa 5 cm2;
2°. de detectielimiet van de meting bedraagt voor alle nucliden maximaal 2 becquerel;
– broncertificaat: document van de producent van de ingekapselde waarin ten minste de activiteit, de nuclide, de gegevens van de capsule, de classificatie volgens Internationale standaard ISO 2919:1999 of recenter en het serienummer zijn vermeld;
– diploma: een diploma, certificaat of ander getuigschrift: a. bedoeld in de Tijdelijke regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen 2013,
b. bedoeld in de Regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen zoals deze regeling luidde tot 20 juli 2003, of
c. dat is afgegeven door een erkende instelling als bedoeld in paragraaf 3.2;
a. bedoeld in de Tijdelijke regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen 2013,
b. bedoeld in de Regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen zoals deze regeling luidde tot 20 juli 2003, of
c. dat is afgegeven door een erkende instelling als bedoeld in paragraaf 3.2;
– inherent veilig toestel: toestel dat is ontworpen om blootstelling aan de primaire bundel bij gebruik ervan zoveel als mogelijk te voorkomen en is voorzien van beveiligingen die het toestel direct uitschakelen indien deze beveiligingen worden verbroken;
– intern transport: het verplaatsen van radioactieve stoffen, splijtstoffen of ertsen binnen een inrichting of een locatie, of tussen twee locaties binnen een inrichting, indien het vervoer onderworpen is aan regelgeving die op de inrichting van toepassing is en het vervoer niet via de openbare weg plaatsvindt;
– lek: een bron waarbij een afgewreven activiteit van meer dan 185 becquerel is vastgesteld;
– lektest: een controle van de behuizing van een radioactieve stof op radioactieve besmetting;
– radioactieve besmetting: een alfa besmetting van 0,4 becquerel of meer per cm2 of een bèta/gamma besmetting van 4 becquerel of meer per cm2;
– waarschuwingsteken: waarschuwingsteken als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het besluit.
– bergplaats: ruimte die uitsluitend wordt gebruikt voor de opslag van radioactieve stoffen;
– besmettingscontrole: controle van een oppervlak of een voorwerp, niet zijnde een ingekapselde bron, op radioactieve besmetting, waarbij het volgende in aanmerking wordt genomen: 1°. het oppervlak dat wordt afgewreven bedraagt circa 5 cm2;
2°. de detectielimiet van de meting bedraagt voor alle nucliden maximaal 2 becquerel;
1°. het oppervlak dat wordt afgewreven bedraagt circa 5 cm2;
2°. de detectielimiet van de meting bedraagt voor alle nucliden maximaal 2 becquerel;
– broncertificaat: document van de producent van de ingekapselde waarin ten minste de activiteit, de nuclide, de gegevens van de capsule, de classificatie volgens Internationale standaard ISO 2919:1999 of recenter en het serienummer zijn vermeld;
– diploma: een diploma, certificaat of ander getuigschrift: a. bedoeld in de Tijdelijke regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen 2013,
b. bedoeld in de Regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen zoals deze regeling luidde tot 20 juli 2003, of
c. dat is afgegeven door een erkende instelling als bedoeld in paragraaf 3.2;
a. bedoeld in de Tijdelijke regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen 2013,
b. bedoeld in de Regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen zoals deze regeling luidde tot 20 juli 2003, of
c. dat is afgegeven door een erkende instelling als bedoeld in paragraaf 3.2;
– inherent veilig toestel: toestel dat is ontworpen om blootstelling aan de primaire bundel bij gebruik ervan zoveel als mogelijk te voorkomen en is voorzien van beveiligingen die het toestel direct uitschakelen indien deze beveiligingen worden verbroken;
– intern transport: het verplaatsen van radioactieve stoffen, splijtstoffen of ertsen binnen een inrichting of een locatie, of tussen twee locaties binnen een inrichting, indien het vervoer onderworpen is aan regelgeving die op de inrichting van toepassing is en het vervoer niet via de openbare weg plaatsvindt;
– lek: een bron waarbij een afgewreven activiteit van meer dan 185 becquerel is vastgesteld;
– lektest: een controle van de behuizing van een radioactieve stof op radioactieve besmetting;
– radioactieve besmetting: een alfa besmetting van 0,4 becquerel of meer per cm2 of een bèta/gamma besmetting van 4 becquerel of meer per cm2;
– waarschuwingsteken: waarschuwingsteken als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het besluit.