BWBR0028766
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 24
Besluit buitengewone agenten van politie 1966 BES
1. De buitengewoon agent van politie en zijn werkgever doen aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, op een door hem te bepalen wijze, opgave van alle werkzaamheden die hij verricht of voornemens is te verrichten, die de functievervulling als buitengewoon agent van politie kunnen raken.
2. Het is de buitengewoon agent van politie verboden werkzaamheden te verrichten waardoor de goede vervulling van zijn functie als buitengewoon agent van politie niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.
3. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen omtrent het verbod, bedoeld in het tweede lid.
2. Het is de buitengewoon agent van politie verboden werkzaamheden te verrichten waardoor de goede vervulling van zijn functie als buitengewoon agent van politie niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.
3. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen omtrent het verbod, bedoeld in het tweede lid.
- Citeren als
- Art. 24
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028766
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl