BWBR0022128
Geldig vanaf 2008-12-05
Artikel 2
Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs
1. De Minister kan ter stimulering van kennisontsluiting, -verspreiding en -benutting binnen het beleidsterrein van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en voorzover passend binnen thema’s en, in voorkomend geval categorieën, genoemd in het openstellingsbesluit op aanvraag aan instellingen subsidie verstrekken ten behoeve van:
a. het organiseren van programma’s en het uitvoeren van de werkzaamheden, bedoeld in het tweede lid, ten behoeve van die programma’s, of
b. het organiseren en uitvoeren van projecten.
2. Een programma, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, bevordert samenhangende planning en uitvoering van activiteiten op het gebied van onderwijs, onderzoek en ondersteuning, waaronder op grond van deze regeling gesubsidieerde projecten, binnen één of meer thema’s, genoemd in het openstellingsbesluit, door middel van:
a. visievorming ten aanzien van de gewenste ontwikkelingen binnen het programma;
b. formulering van doel, uitgangspunten en afbakening van de activiteiten binnen het programma;
c. het waarborgen van de richting, samenhang en kwaliteit van de programmaonderdelen binnen een activiteitenplan;
d. een programmaorganisatie;
e. een financieel meerjarenkader, en
f. verspreiding en verduurzaming van de resultaten.
a. het organiseren van programma’s en het uitvoeren van de werkzaamheden, bedoeld in het tweede lid, ten behoeve van die programma’s, of
b. het organiseren en uitvoeren van projecten.
2. Een programma, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, bevordert samenhangende planning en uitvoering van activiteiten op het gebied van onderwijs, onderzoek en ondersteuning, waaronder op grond van deze regeling gesubsidieerde projecten, binnen één of meer thema’s, genoemd in het openstellingsbesluit, door middel van:
a. visievorming ten aanzien van de gewenste ontwikkelingen binnen het programma;
b. formulering van doel, uitgangspunten en afbakening van de activiteiten binnen het programma;
c. het waarborgen van de richting, samenhang en kwaliteit van de programmaonderdelen binnen een activiteitenplan;
d. een programmaorganisatie;
e. een financieel meerjarenkader, en
f. verspreiding en verduurzaming van de resultaten.