BWBR0022128
Geldig vanaf 2008-12-05
Artikel 14
Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs
1. De Minister beslist, per periode van openstelling, gelijktijdig op alle aanvragen tot subsidieverlening voor programma’s, bedoeld in artikel 7, eerste lid.
2. De Minister verstrekt geen subsidie voor een programma binnen een thema waarvoor reeds in het kader van deze regeling subsidieverlening plaatsvindt.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid kan de Minister subsidie verlenen voor de uitvoering van één programma, dat zich richt op een thema, als bedoeld in het tweede lid, indien subsidieverlening binnen dat thema eindigt binnen een jaar na de dag waarop de aanvraag voor dat programma is ingediend.
4. De Minister verstrekt per thema, genoemd in het openstellingsbesluit, slechts voor één aanvraag subsidie, bedoeld in het eerste lid.
5. De Minister verstrekt in ieder geval geen subsidie voor een programma, indien de Minister op basis van de beoordeling, bedoeld in artikel 9, oordeelt dat de kwaliteit van het uitvoeringsplan de uitvoering van dat programma niet toelaat.
2. De Minister verstrekt geen subsidie voor een programma binnen een thema waarvoor reeds in het kader van deze regeling subsidieverlening plaatsvindt.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid kan de Minister subsidie verlenen voor de uitvoering van één programma, dat zich richt op een thema, als bedoeld in het tweede lid, indien subsidieverlening binnen dat thema eindigt binnen een jaar na de dag waarop de aanvraag voor dat programma is ingediend.
4. De Minister verstrekt per thema, genoemd in het openstellingsbesluit, slechts voor één aanvraag subsidie, bedoeld in het eerste lid.
5. De Minister verstrekt in ieder geval geen subsidie voor een programma, indien de Minister op basis van de beoordeling, bedoeld in artikel 9, oordeelt dat de kwaliteit van het uitvoeringsplan de uitvoering van dat programma niet toelaat.