BWBR0022128
Geldig vanaf 2008-12-05
Artikel 10
Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs
1. De Minister hanteert bij de beoordeling van de aanvraag tot subsidieverlening voor een project, bedoeld in artikel 8, in ieder geval de volgende criteria:
a. de criteria, genoemd in artikel 9, eerste lid, en
b. de spreiding van de projecten naar instellingen, opleidingsniveau en thema’s.
2. De Minister beoordeelt een aanvraag tot subsidieverlening voor een programmaonderdeel, naast de in het eerste lid genoemde criteria, tevens op:
a. de mate waarin het programmaonderdeel past binnen de doelstelling, afbakening, thematiek en, in voorkomend geval, de categorie, van het programma waaronder het programmaonderdeel valt, en
b. de kwaliteit van het programma waaronder het programmaonderdeel valt.
3. De Minister kan, voor een aanvraag, bedoeld in het eerste lid, nadere beoordelingscriteria vaststellen in het openstellingsbesluit.
a. de criteria, genoemd in artikel 9, eerste lid, en
b. de spreiding van de projecten naar instellingen, opleidingsniveau en thema’s.
2. De Minister beoordeelt een aanvraag tot subsidieverlening voor een programmaonderdeel, naast de in het eerste lid genoemde criteria, tevens op:
a. de mate waarin het programmaonderdeel past binnen de doelstelling, afbakening, thematiek en, in voorkomend geval, de categorie, van het programma waaronder het programmaonderdeel valt, en
b. de kwaliteit van het programma waaronder het programmaonderdeel valt.
3. De Minister kan, voor een aanvraag, bedoeld in het eerste lid, nadere beoordelingscriteria vaststellen in het openstellingsbesluit.