BWBR0021281
Geldig vanaf 2015-04-30
Artikel 4:60b
Regeling LNV-subsidies
Geen garantstelling wordt verstrekt:
a. aan ondernemingen in moeilijkheden, als bedoeld in artikel 2, onderdeel i, van verordening nr. 736/2008;
b. in de in artikel 4:53, derde lid, onderdeel b tot en met e, bedoelde gevallen;
c. indien aan de aanvrager reeds een garantstelling is verstrekt door de Minister, en: – die garantstelling is verstrekt in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag, of
– met de garantstelling waarop de aanvraag betrekking heeft het totaal aan garantstellingen, verstrekt aan de aanvrager, € 2.500.000 of hoger wordt;
– die garantstelling is verstrekt in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag, of
– met de garantstelling waarop de aanvraag betrekking heeft het totaal aan garantstellingen, verstrekt aan de aanvrager, € 2.500.000 of hoger wordt;
d. indien het bancair aansprakelijk vermogen van de aanvrager minder dan 15% bedraagt van het balanstotaal;
e. aan een onderneming ten aanzien waarvan een uitstaand bevel tot terugvordering geldt krachtens een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard.
a. aan ondernemingen in moeilijkheden, als bedoeld in artikel 2, onderdeel i, van verordening nr. 736/2008;
b. in de in artikel 4:53, derde lid, onderdeel b tot en met e, bedoelde gevallen;
c. indien aan de aanvrager reeds een garantstelling is verstrekt door de Minister, en: – die garantstelling is verstrekt in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag, of
– met de garantstelling waarop de aanvraag betrekking heeft het totaal aan garantstellingen, verstrekt aan de aanvrager, € 2.500.000 of hoger wordt;
– die garantstelling is verstrekt in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag, of
– met de garantstelling waarop de aanvraag betrekking heeft het totaal aan garantstellingen, verstrekt aan de aanvrager, € 2.500.000 of hoger wordt;
d. indien het bancair aansprakelijk vermogen van de aanvrager minder dan 15% bedraagt van het balanstotaal;
e. aan een onderneming ten aanzien waarvan een uitstaand bevel tot terugvordering geldt krachtens een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard.