BWBR0016221
Geldig vanaf 2004-01-01
Artikel 10
Regeling bekostiging financieel toezicht
1. Indien aan een onder toezicht staande instelling voor het niet voldoen aan bij of krachtens de wet gestelde eisen in het voorafgaande jaar een aanwijzing is gegeven of een last onder dwangsom is opgelegd, kan de toezichthoudende autoriteit een bedrag in rekening brengen aan deze onder toezicht staande instelling ter vergoeding van de kosten in verband met het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften, voor zover deze kosten individueel zijn toe te rekenen aan deze onder toezicht staande instelling en uitstijgen boven de kosten van het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften die onder normale omstandigheden ten aanzien van die onder toezicht staande instelling zouden zijn gemaakt.
2. Een bedrag dat door de toezichthoudende autoriteit op grond van het eerste lid bij een onder toezicht staande instelling in rekening is gebracht en door deze onder toezicht staande instelling is betaald, wordt onverwijld terugbetaald indien het besluit tot het geven van de aanwijzing of tot het opleggen van de last onder dwangsom is ingetrokken of in rechte is vernietigd.
2. Een bedrag dat door de toezichthoudende autoriteit op grond van het eerste lid bij een onder toezicht staande instelling in rekening is gebracht en door deze onder toezicht staande instelling is betaald, wordt onverwijld terugbetaald indien het besluit tot het geven van de aanwijzing of tot het opleggen van de last onder dwangsom is ingetrokken of in rechte is vernietigd.