BWBR0013796
Geldig vanaf 01-07-2002
Artikel 74
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
1. Zo spoedig mogelijk na ontvangst van de in artikel 73 bedoelde vordering bepaalt de voorzitter van de rechtbank het tijdstip waarop de rechtbank een aanvang zal maken met de behandeling van de vordering. Tussen de dag waarop de mededeling om ter zitting te verschijnen aan de veroordeelde is betekend en die der zitting moet een termijn van ten minste tien dagen verlopen.
2. Met toestemming van de veroordeelde kan deze termijn worden verkort, mits van deze toestemming uit een schriftelijke verklaring blijkt.
2. Met toestemming van de veroordeelde kan deze termijn worden verkort, mits van deze toestemming uit een schriftelijke verklaring blijkt.
- Citeren als
- Art. 74
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0013796
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl