BWBR0013796
Geldig vanaf 01-07-2002
Artikel 12
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
1. Overlevering wordt niet toegestaan dan onder de algemene voorwaarde dat de opgeëiste persoon alleen met uitdrukkelijke toestemming van Onze Minister zal worden vervolgd, gestraft of op enige andere wijze in zijn persoonlijke vrijheid beperkt terzake van feiten die voor het tijdstip van zijn overlevering zijn begaan en waarvoor hij niet is overgeleverd.
2. Overlevering wordt niet toegestaan dan onder de algemene voorwaarde dat de opgeëiste persoon alleen met uitdrukkelijke toestemming van Onze Minister door het Strafhof ter beschikking zal worden gesteld aan de autoriteiten van een derde staat terzake van feiten die voor het tijdstip van zijn overlevering zijn begaan. De toestemming kan worden gegeven ten aanzien van strafbare feiten waarvoor de opgeëiste persoon ook door Nederland aan de derde staat had kunnen worden uitgeleverd.
2. Overlevering wordt niet toegestaan dan onder de algemene voorwaarde dat de opgeëiste persoon alleen met uitdrukkelijke toestemming van Onze Minister door het Strafhof ter beschikking zal worden gesteld aan de autoriteiten van een derde staat terzake van feiten die voor het tijdstip van zijn overlevering zijn begaan. De toestemming kan worden gegeven ten aanzien van strafbare feiten waarvoor de opgeëiste persoon ook door Nederland aan de derde staat had kunnen worden uitgeleverd.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0013796
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl