BWBR0013796
Geldig vanaf 01-07-2002
Artikel 20
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
1. Ambtshalve, op de vordering van de officier van justitie of op het verzoek van de opgeëiste persoon of diens raadsman kan de rechter-commissaris bevelen dat de vrijheidsbeneming krachtens de bepalingen van deze paragraaf wegens dringende en uitzonderlijke omstandigheden wordt beëindigd of voorwaardelijk wordt opgeschort of geschorst. De te stellen voorwaarden strekken in ieder geval ter voorkoming van vlucht.
2. Artikel 16, tweede tot en met vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Artikel 16, tweede tot en met vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 20
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0013796
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl