BWBR0012790
Geldig vanaf 2002-03-29
Artikel 33
Besluit zeevisvaartbemanning
Voor de afgifte van een vaarbevoegdheidsbewijs als plaatsvervangend schipper zeevisvaart aan boord van vissersvaartuigen met een lengte van minder dan 45 meter, en een voortstuwingsvermogen van minder dan 1125 kW, op reizen binnen vaargebied I, is ten minste vereist:
a. het kennisbewijs stuurman-werktuigkundige voor de zeevisvaart SW 6, dan wel het diploma voor de zeevisvaart SW VI,
b. het beperkte certificaat maritieme radiocommunicatie, en
c. een leeftijd van 18 jaar
a. het kennisbewijs stuurman-werktuigkundige voor de zeevisvaart SW 6, dan wel het diploma voor de zeevisvaart SW VI,
b. het beperkte certificaat maritieme radiocommunicatie, en
c. een leeftijd van 18 jaar