BWBR0012467
Geldig vanaf 2001-09-01
Artikel 26
Uniform Aanbestedingsreglement 2001
1. Een aanbesteder mag uitsluitend van de inschrijver aan wie hij voornemens is het werk op te dragen zekerheidstelling bedingen.
2. Het bedrag van de zekerheid mag het bedrag als terzake van zekerheidstelling voor de nakoming van de uit de overeenkomst van aanneming voortvloeiende verplichtingen in de bekendmaking of in het bestek is genoemd, niet te boven gaan.
3. In afwijking van het tweede lid mag een aanbesteder, indien hij het werk overeenkomstig een alternatieve aanbieding wil opdragen aan de inschrijver die de alternatieve aanbieding heeft gedaan, van die inschrijver zekerheidstelling verlangen die het in het tweede lid bedoelde bedrag te boven gaat, met dien verstande dat het bedrag van de zekerheidstelling niet meer mag bedragen dan 10% van de inschrijvingssom.
2. Het bedrag van de zekerheid mag het bedrag als terzake van zekerheidstelling voor de nakoming van de uit de overeenkomst van aanneming voortvloeiende verplichtingen in de bekendmaking of in het bestek is genoemd, niet te boven gaan.
3. In afwijking van het tweede lid mag een aanbesteder, indien hij het werk overeenkomstig een alternatieve aanbieding wil opdragen aan de inschrijver die de alternatieve aanbieding heeft gedaan, van die inschrijver zekerheidstelling verlangen die het in het tweede lid bedoelde bedrag te boven gaat, met dien verstande dat het bedrag van de zekerheidstelling niet meer mag bedragen dan 10% van de inschrijvingssom.