BWBR0012467
Geldig vanaf 2001-09-01
Artikel 11
Uniform Aanbestedingsreglement 2001
1. De aanbesteding geschiedt bij inschrijving.
2. De inschrijver dient op de dag van de aanbesteding te beschikken over een door hem ondertekende - en op aanvraag van de aanbesteder te overhandigen - verklaring dat hij op de dag van aanbesteding voldoet aan de wettelijke verplichtingen die verbonden zijn aan de uitoefening van het aannemingsbedrijf.
3. Het inschrijvingsbiljet, bedoeld in artikel 12, eerste lid, moet in een enveloppe zijn gesloten, waarop duidelijk moet zijn vermeld op welk werk het inschrijvingsbiljet betrekking heeft, alsmede, in geval van verdeling van het werk in percelen, op welk perceel of op welke combinatie van percelen.
4. Een inschrijver is gerechtigd op het in de bekendmaking vermelde adres zelf het inschrijvingsbiljet in de daarvoor bestemde afgesloten en verzegelde bus te deponeren.
5. Indien een inschrijver van zijn bevoegdheid, bedoeld in het vierde lid, geen gebruik maakt, wordt het inschrijvingsbiljet na ontvangst op het in de bekendmaking vermelde adres, door of namens de aanbesteder in de bus gedeponeerd.
6. Het inschrijvingsbiljet mag tot het tijdstip van de aanbesteding in de bus worden gedeponeerd.
7. Een inschrijver draagt het risico van de goede en tijdige aanwezigheid van zijn inschrijvingsbiljet in de bus.
8. Een inschrijver kan tot het tijdstip van de aanbesteding door middel van een duidelijke, ondertekende verklaring waarmee op dezelfde wijze dient te worden gehandeld als met het inschrijvingsbiljet, zijn inschrijving intrekken.
2. De inschrijver dient op de dag van de aanbesteding te beschikken over een door hem ondertekende - en op aanvraag van de aanbesteder te overhandigen - verklaring dat hij op de dag van aanbesteding voldoet aan de wettelijke verplichtingen die verbonden zijn aan de uitoefening van het aannemingsbedrijf.
3. Het inschrijvingsbiljet, bedoeld in artikel 12, eerste lid, moet in een enveloppe zijn gesloten, waarop duidelijk moet zijn vermeld op welk werk het inschrijvingsbiljet betrekking heeft, alsmede, in geval van verdeling van het werk in percelen, op welk perceel of op welke combinatie van percelen.
4. Een inschrijver is gerechtigd op het in de bekendmaking vermelde adres zelf het inschrijvingsbiljet in de daarvoor bestemde afgesloten en verzegelde bus te deponeren.
5. Indien een inschrijver van zijn bevoegdheid, bedoeld in het vierde lid, geen gebruik maakt, wordt het inschrijvingsbiljet na ontvangst op het in de bekendmaking vermelde adres, door of namens de aanbesteder in de bus gedeponeerd.
6. Het inschrijvingsbiljet mag tot het tijdstip van de aanbesteding in de bus worden gedeponeerd.
7. Een inschrijver draagt het risico van de goede en tijdige aanwezigheid van zijn inschrijvingsbiljet in de bus.
8. Een inschrijver kan tot het tijdstip van de aanbesteding door middel van een duidelijke, ondertekende verklaring waarmee op dezelfde wijze dient te worden gehandeld als met het inschrijvingsbiljet, zijn inschrijving intrekken.