BWBR0012010
Geldig vanaf 2000-12-22
Artikel 5c
Regeling inzake hygiënevoorschriften besmettelijke dierziekten 2000
1. Indien naar het oordeel van de minister niet wordt voldaan aan één of meer onderdelen van artikel 5b, tweede of derde lid, wordt de eigenaar of exploitant hiervan op de hoogte gebracht en in de gelegenheid gesteld binnen een bepaalde termijn alsnog aan deze eisen te voldoen.
2. De minister kan de vergunning, bedoeld in artikel 5, vierde lid, schorsen voor een bepaalde termijn indien de termijn, bedoeld in het eerste lid, is verstreken en de eigenaar of exploitant nog steeds niet voldoet aan één of meer onderdelen van artikel 5b, tweede of derde lid.
3. Het is verboden een of meer evenhoevigen te ontvangen op een slachtplaats met geringe capaciteit in geval van schorsing van de vergunning, bedoeld in het tweede lid.
4. De minister kan de vergunning, bedoeld in artikel 5, vierde lid, intrekken indien:
a. de eigenaar of exploitant van de slachtplaats met geringe capaciteit niet voldoet aan het derde lid;
b. na afloop van de schorsing, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat de eigenaar of exploitant nog steeds niet voldoet aan één of meer onderdelen van artikel 5b, tweede of derde lid.
2. De minister kan de vergunning, bedoeld in artikel 5, vierde lid, schorsen voor een bepaalde termijn indien de termijn, bedoeld in het eerste lid, is verstreken en de eigenaar of exploitant nog steeds niet voldoet aan één of meer onderdelen van artikel 5b, tweede of derde lid.
3. Het is verboden een of meer evenhoevigen te ontvangen op een slachtplaats met geringe capaciteit in geval van schorsing van de vergunning, bedoeld in het tweede lid.
4. De minister kan de vergunning, bedoeld in artikel 5, vierde lid, intrekken indien:
a. de eigenaar of exploitant van de slachtplaats met geringe capaciteit niet voldoet aan het derde lid;
b. na afloop van de schorsing, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat de eigenaar of exploitant nog steeds niet voldoet aan één of meer onderdelen van artikel 5b, tweede of derde lid.