BWBR0011576
Geldig vanaf 2000-09-09
Artikel 46
Richtlijn jaarverslaggeving hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek
1. Het jaarverslag geeft een getrouw beeld omtrent de toestand op de balansdatum en de gang van zaken gedurende het boekjaar van de hogeschool en de daaraan gelieerde rechtspersonen, waarvan de financiële gegevens in zijn jaarrekening zijn opgenomen. Tevens dient aandacht te worden besteed aan de daadwerkelijke ontwikkeling in het verslagjaar van belangrijke aangelegenheden waarover in het voorgaande jaarverslag verwachtingen werden uitgesproken dan wel een belangrijke mate van onzekerheid werd vermeld. De bereikte resultaten worden vergeleken met de geformuleerde beleidsvoornemens. Uit het verslag blijkt of er sprake is van een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de taken, binnen de gegeven randvoorwaarden en de externe omstandigheden. Bij de verantwoording wordt rekening gehouden met het laatst verschenen hoger onderwijs- en onderzoekplan, bedoeld in artikel 2.3 van de wet.
2. In het jaarverslag maakt de hogeschool duidelijk welke maatschappelijke doelen hij nastreeft en in welke mate deze worden gerealiseerd. Zo mogelijk vermeldt het jaarverslag de maatschappelijke oordeelsvorming daarover, toegelicht aan de hand van een verslag van de gevoerde discussie, de conclusies die daaruit zijn getrokken en de effecten die er aan zijn verbonden.
3. In het jaarverslag wordt aandacht besteed aan de wijze waarop de hogeschool gelden uit de rijksbijdrage aanwendt voor private activiteiten en wordt een nadere specificatie van de aangewende gelden per activiteit gegeven, dan wel per activiteit een verklaring waarom deze specificatie niet kan worden gegeven.
4. In het jaarverslag wordt expliciet aandacht besteed aan en verantwoording afgelegd over samenwerkingsverbanden met andere organisaties op het gebied van onderwijs, kennisontwikkeling en onderzoek.
5. Het jaarverslag is niet in strijd met de jaarrekening.
2. In het jaarverslag maakt de hogeschool duidelijk welke maatschappelijke doelen hij nastreeft en in welke mate deze worden gerealiseerd. Zo mogelijk vermeldt het jaarverslag de maatschappelijke oordeelsvorming daarover, toegelicht aan de hand van een verslag van de gevoerde discussie, de conclusies die daaruit zijn getrokken en de effecten die er aan zijn verbonden.
3. In het jaarverslag wordt aandacht besteed aan de wijze waarop de hogeschool gelden uit de rijksbijdrage aanwendt voor private activiteiten en wordt een nadere specificatie van de aangewende gelden per activiteit gegeven, dan wel per activiteit een verklaring waarom deze specificatie niet kan worden gegeven.
4. In het jaarverslag wordt expliciet aandacht besteed aan en verantwoording afgelegd over samenwerkingsverbanden met andere organisaties op het gebied van onderwijs, kennisontwikkeling en onderzoek.
5. Het jaarverslag is niet in strijd met de jaarrekening.