Artikel 1
1. In deze richtlijn wordt verstaan onder:
a. de wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
b. de minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen en, voor zover het betreft het onderwijs en onderzoek op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, de minister van landbouw, natuurbeheer en visserij;
c. instelling: een instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a en d van de wet;
d. verslag: het verslag, bedoeld in artikel 2.9, eerste lid, van de wet;
e. OCenW-bijlage: een bijlage waarin nadere specificaties van jaarrekeningposten of toelichtingen worden opgenomen die een specifieke relatie hebben met de minister. Deze bijlage wordt, samen met de jaarrekening, onderworpen aan accountantscontrole;
f. jaarrekening: de jaarrekening, bedoeld in artikel 2.9, tweede lid, van de wet;
g. boekjaar: het kalenderjaar waarop het verslag of de begroting betrekking heeft;
h. hoofdkostenplaats: in de organieke structuur van de instelling, de verzameling kostenplaatsen die tot die afzonderlijke functionele eenheid behoren;
i. verbonden partijen: van verbonden partijen is sprake wanneer een partij beslissende zeggenschap kan uitoefenen over een andere partij dan wel invloed van betekenis kan uitoefenen op het financieel en zakelijk beleid van de andere partij. Van verbondenheid tussen partijen is ook sprake indien een derde op die partijen beslissende zeggenschap kan uitoefenen;
j. collegegeld: het collegegeld, bedoeld in de artikelen 7.43 en 7.44 van de wet.
2. Het verslag omvat mede de kerngegevens van de instelling en bijlagen; een bijlage mag ook los van het verslag gepresenteerd worden. De OCenW-bijlage wordt afzonderlijk, maar gelijktijdig met het verslag, ingediend bij de minister.
a. de wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
b. de minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen en, voor zover het betreft het onderwijs en onderzoek op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, de minister van landbouw, natuurbeheer en visserij;
c. instelling: een instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a en d van de wet;
d. verslag: het verslag, bedoeld in artikel 2.9, eerste lid, van de wet;
e. OCenW-bijlage: een bijlage waarin nadere specificaties van jaarrekeningposten of toelichtingen worden opgenomen die een specifieke relatie hebben met de minister. Deze bijlage wordt, samen met de jaarrekening, onderworpen aan accountantscontrole;
f. jaarrekening: de jaarrekening, bedoeld in artikel 2.9, tweede lid, van de wet;
g. boekjaar: het kalenderjaar waarop het verslag of de begroting betrekking heeft;
h. hoofdkostenplaats: in de organieke structuur van de instelling, de verzameling kostenplaatsen die tot die afzonderlijke functionele eenheid behoren;
i. verbonden partijen: van verbonden partijen is sprake wanneer een partij beslissende zeggenschap kan uitoefenen over een andere partij dan wel invloed van betekenis kan uitoefenen op het financieel en zakelijk beleid van de andere partij. Van verbondenheid tussen partijen is ook sprake indien een derde op die partijen beslissende zeggenschap kan uitoefenen;
j. collegegeld: het collegegeld, bedoeld in de artikelen 7.43 en 7.44 van de wet.
2. Het verslag omvat mede de kerngegevens van de instelling en bijlagen; een bijlage mag ook los van het verslag gepresenteerd worden. De OCenW-bijlage wordt afzonderlijk, maar gelijktijdig met het verslag, ingediend bij de minister.