BWBR0005933
Geldig vanaf 1993-04-01
Artikel 7
Regeling superheffing 1993
1. Onverminderd het bepaalde in paragraaf 7vervalt de aanspraak op de referentiehoeveelheid, die ter beschikking staat van de producent welke gedurende een periode van twaalf maanden geen melk of andere zuivelproducten in de handel heeft gebracht, direct na ommekomst van die termijn.
2. De ingevolge het eerste lid vervallen referentiehoeveelheid wordt op verzoek van de betrokken producent door het productschap opnieuw toegewezen, indien hij de productie van melk of andere zuivelproducten op zijn bedrijf hervat binnen een termijn van negen maanden na de datum waarop de aanspraak op de referentiehoeveelheid is komen te vervallen.
3. Het verzoek wordt binnen de in het tweede lid genoemde termijn ingediend bij het productschap volgens de daartoe door het productschap te stellen regelen.
4. De toekenning geschiedt uiterlijk op de eerste april volgend op de datum, van het verzoek.
2. De ingevolge het eerste lid vervallen referentiehoeveelheid wordt op verzoek van de betrokken producent door het productschap opnieuw toegewezen, indien hij de productie van melk of andere zuivelproducten op zijn bedrijf hervat binnen een termijn van negen maanden na de datum waarop de aanspraak op de referentiehoeveelheid is komen te vervallen.
3. Het verzoek wordt binnen de in het tweede lid genoemde termijn ingediend bij het productschap volgens de daartoe door het productschap te stellen regelen.
4. De toekenning geschiedt uiterlijk op de eerste april volgend op de datum, van het verzoek.