BWBR0005933
Geldig vanaf 1993-04-01
Artikel 25
Regeling superheffing 1993
1. Aan de tijdelijke overdracht van een referentiehoeveelheid zijn de volgende voorwaarden verbonden:
a. een tijdelijke overdracht van een referentiehoeveelheid dient minimaal een hoeveelheid van 10.000 kg te betreffen. Dit minimum behoeft niet in acht te worden genomen indien de totale referentiehoeveelheid van de vervreemder minder dan 10 000 kg bedraagt en deze hoeveelheid in zijn geheel tijdelijk wordt overgedragen.
b. per bedrijf kan door tijdelijke overdracht maximaal 75 000 kg referentiehoeveelheid worden verkregen;
c. een tijdelijke overdracht kan slechts plaatsvinden indien een vervreemder voordien in de betrokken heffingsperiode geen referentiehoeveelheden tijdelijk heeft verkregen en een verkrijger voordien in de betrokken heffingsperiode geen referentiehoeveelheden tijdelijk heeft vervreemd.
d. producenten die een verzoek, als bedoeld in artikel 8, eerste lid, hebben ingediend, kunnen de referentiehoeveelheden waarop dit verzoek betrekking heeft in de betrokken heffingsperiode niet tijdelijk overdragen.
2. Een melding van een tijdelijke overdracht dient per heffingsperiode vóór een door het productschap vast te stellen datum bij het productschap te worden ingediend, volgens daartoe door het productschap te stellen regelen.
3. Er kan eerst een aanspraak op een referentiehoeveelheid worden gemaakt vanaf de registratie door het productschap.
a. een tijdelijke overdracht van een referentiehoeveelheid dient minimaal een hoeveelheid van 10.000 kg te betreffen. Dit minimum behoeft niet in acht te worden genomen indien de totale referentiehoeveelheid van de vervreemder minder dan 10 000 kg bedraagt en deze hoeveelheid in zijn geheel tijdelijk wordt overgedragen.
b. per bedrijf kan door tijdelijke overdracht maximaal 75 000 kg referentiehoeveelheid worden verkregen;
c. een tijdelijke overdracht kan slechts plaatsvinden indien een vervreemder voordien in de betrokken heffingsperiode geen referentiehoeveelheden tijdelijk heeft verkregen en een verkrijger voordien in de betrokken heffingsperiode geen referentiehoeveelheden tijdelijk heeft vervreemd.
d. producenten die een verzoek, als bedoeld in artikel 8, eerste lid, hebben ingediend, kunnen de referentiehoeveelheden waarop dit verzoek betrekking heeft in de betrokken heffingsperiode niet tijdelijk overdragen.
2. Een melding van een tijdelijke overdracht dient per heffingsperiode vóór een door het productschap vast te stellen datum bij het productschap te worden ingediend, volgens daartoe door het productschap te stellen regelen.
3. Er kan eerst een aanspraak op een referentiehoeveelheid worden gemaakt vanaf de registratie door het productschap.