BWBR0004907
Geldig vanaf 1990-12-13
Artikel 11
Examenbesluit Wet op de architectentitel
1. De examencommissie stelt een examenreglement vast, waarin nadere regels worden gesteld omtrent de omvang en inrichting van het examen, waaronder in elk geval zijn begrepen regels omtrent:
a. de wijze van aanmelding voor het examen;
b. de wijze van betaling van het examengeld, bedoeld in artikel 27 van de wet;
c. de gedeeltelijke terugbetaling van het examengeld indien de kandidaat niet tot het tweede gedeelte van het examen wordt toegelaten;
d. de tijdvakken waarbinnen de in de artikelen 3 en 4 bedoelde onderdelen van het examen moeten zijn afgelegd;
e. de gang van zaken tijdens het examen, waaronder begrepen de wijze waarop een gehandicapte kandidaat in de gelegenheid wordt gesteld het examen af te leggen;
f. de gevolgen van tijdens het examen door de kandidaat gepleegd bedrog;
g. de wijze van vaststelling van de uitslag van het examen;
h. de wijze waarop de kandidaat na vaststelling van de uitslag van het examen of van een onderdeel daarvan, kan kennisnemen van de door de examencommissie bij de beoordeling van de onderscheidene examenonderdelen gehanteerde normen, en
i. de wijze van uitreiking van het getuigschrift, bedoeld in artikel 13.
2. Het examenreglement, alsmede elke wijziging daarvan, wordt, na goedkeuring ingevolge artikel 25, derde lid, van de wet, door Onze Minister, in de Staatscourant geplaatst.
a. de wijze van aanmelding voor het examen;
b. de wijze van betaling van het examengeld, bedoeld in artikel 27 van de wet;
c. de gedeeltelijke terugbetaling van het examengeld indien de kandidaat niet tot het tweede gedeelte van het examen wordt toegelaten;
d. de tijdvakken waarbinnen de in de artikelen 3 en 4 bedoelde onderdelen van het examen moeten zijn afgelegd;
e. de gang van zaken tijdens het examen, waaronder begrepen de wijze waarop een gehandicapte kandidaat in de gelegenheid wordt gesteld het examen af te leggen;
f. de gevolgen van tijdens het examen door de kandidaat gepleegd bedrog;
g. de wijze van vaststelling van de uitslag van het examen;
h. de wijze waarop de kandidaat na vaststelling van de uitslag van het examen of van een onderdeel daarvan, kan kennisnemen van de door de examencommissie bij de beoordeling van de onderscheidene examenonderdelen gehanteerde normen, en
i. de wijze van uitreiking van het getuigschrift, bedoeld in artikel 13.
2. Het examenreglement, alsmede elke wijziging daarvan, wordt, na goedkeuring ingevolge artikel 25, derde lid, van de wet, door Onze Minister, in de Staatscourant geplaatst.