BWBR0004149
Geldig vanaf 2000-06-21
Artikel 170
Mediawet
1. Onze Minister richt de Stichting stimuleringsfonds Nederlandse culturele omroepprodukties op.
2. De stichting heeft tot taak het verstrekken van financiële bijdragen voor de ontwikkeling en vervaardiging van programmaonderdelen en programmamateriaal voor activiteiten als bedoeld in artikel 13c, derde lid, van bijzondere Nederlandse culturele aard, ten behoeve van omroepverenigingen, de Stichting, de Programmastichting, de educatieve omroepinstelling, dan wel kerkgenootschappen of genootschappen op geestelijke grondslag die zendtijd hebben verkregen voor landelijke omroep, de instellingen die zendtijd hebben verkregen voor regionale omroep, alsmede de Wereldomroep.
3. De stichting heeft een bestuur dat bestaat uit een voorzitter en zes andere leden. De leden van het bestuur worden benoemd en ontslagen door Onze Minister. Twee leden worden benoemd uit de kring van de omroep en twee leden uit de kring van de film- en podiumkunsten. Van de andere leden wordt één tot voorzitter benoemd.
4. Wijzigingen in de statuten van de stichting behoeven de instemming van Onze Minister. Het bestuur van de stichting kan niet besluiten tot ontbinding van de stichting.
5. Onze Minister verstrekt jaarlijks aan de stichting uit de middelen bedoeld in artikel 28en artikel 110een uitkering. De hoogte van de uitkering is tenminste gelijk aan eenzestiende deel van de afgedragen inkomsten van de Stichting Etherreclame van dat jaar. De begroting en jaarrekening behoeven zijn instemming.
6. De stichting verstrekt desgevraagd aan Onze Minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. Onze Minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak nodig is.
7. Onze Minister zendt telkens na vier jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het functioneren van de stichting.
2. De stichting heeft tot taak het verstrekken van financiële bijdragen voor de ontwikkeling en vervaardiging van programmaonderdelen en programmamateriaal voor activiteiten als bedoeld in artikel 13c, derde lid, van bijzondere Nederlandse culturele aard, ten behoeve van omroepverenigingen, de Stichting, de Programmastichting, de educatieve omroepinstelling, dan wel kerkgenootschappen of genootschappen op geestelijke grondslag die zendtijd hebben verkregen voor landelijke omroep, de instellingen die zendtijd hebben verkregen voor regionale omroep, alsmede de Wereldomroep.
3. De stichting heeft een bestuur dat bestaat uit een voorzitter en zes andere leden. De leden van het bestuur worden benoemd en ontslagen door Onze Minister. Twee leden worden benoemd uit de kring van de omroep en twee leden uit de kring van de film- en podiumkunsten. Van de andere leden wordt één tot voorzitter benoemd.
4. Wijzigingen in de statuten van de stichting behoeven de instemming van Onze Minister. Het bestuur van de stichting kan niet besluiten tot ontbinding van de stichting.
5. Onze Minister verstrekt jaarlijks aan de stichting uit de middelen bedoeld in artikel 28en artikel 110een uitkering. De hoogte van de uitkering is tenminste gelijk aan eenzestiende deel van de afgedragen inkomsten van de Stichting Etherreclame van dat jaar. De begroting en jaarrekening behoeven zijn instemming.
6. De stichting verstrekt desgevraagd aan Onze Minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. Onze Minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak nodig is.
7. Onze Minister zendt telkens na vier jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het functioneren van de stichting.