BWBR0004149
Geldig vanaf 2000-06-21
Artikel 39a1
Mediawet
1. De Stichting heeft per jaar de beschikking over 1.300 uren zendtijd voor televisie en 1.500 uren zendtijd voor radio.
2. De Stichting is gerechtigd meer zendtijd te gebruiken dan de zendtijd, bedoeld in het eerste lid.
3. De Stichting heeft tevens, met uitsluiting van de andere instellingen die zendtijd hebben verkregen, de beschikking over zendtijd voor een teletekstprogramma voor landelijke omroep. Deze zendtijd is gelijk aan de tijd dat door middel van de desbetreffende omroepzenders het programma van de instellingen die zendtijd hebben verkregen voor landelijke omroep, of een toetsbeeld wordt uitgezonden.
4. In afwijking van het derde lid, is het toegestaan dat de Stichting Etherreclame, met inachtneming van artikel 39 <em>b</em>, een deel van de zendtijd voor het teletekstprogramma voor landelijke omroep gebruikt.
2. De Stichting is gerechtigd meer zendtijd te gebruiken dan de zendtijd, bedoeld in het eerste lid.
3. De Stichting heeft tevens, met uitsluiting van de andere instellingen die zendtijd hebben verkregen, de beschikking over zendtijd voor een teletekstprogramma voor landelijke omroep. Deze zendtijd is gelijk aan de tijd dat door middel van de desbetreffende omroepzenders het programma van de instellingen die zendtijd hebben verkregen voor landelijke omroep, of een toetsbeeld wordt uitgezonden.
4. In afwijking van het derde lid, is het toegestaan dat de Stichting Etherreclame, met inachtneming van artikel 39 <em>b</em>, een deel van de zendtijd voor het teletekstprogramma voor landelijke omroep gebruikt.