BWBR0049613
Geldig vanaf 2025-02-15
Artikel 6
Subsidieregeling Ontwikkelkracht 2024/2025 en 2025/2026
Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrechtwordt een subsidieaanvraag in ieder geval geweigerd:
a. indien het bevoegd gezag of de penvoerder het gesprek of de gesprekken, bedoeld in artikel 4, eerste tot en met het derde lid, en indien van toepassing het gesprek, bedoeld in artikel 4, vierde of vijfde lid, niet heeft gevoerd;
b. voor zover op de aanvraag het bepaalde in artikel 3, derde lid, van toepassing is;
c. indien de aanvraag betrekking heeft op de activiteiten, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, en het bevoegd gezag reeds subsidie heeft aangevraagd of ontvangt voor de vestiging voor een ander onderzoeks- en verbetercultuurtraject; en
d. indien het bevoegd gezag of de penvoerder een aanvraag indient voor de activiteiten bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, d of f en de kwaliteit van het onderwijs van de desbetreffende vestiging in het primair onderwijs of afdeling of schoolsoort binnen de vestiging in het voortgezet onderwijs waarvoor de subsidie wordt aangevraagd door de Inspectie van het onderwijs bij besluit op peildatum 1 januari 2024 als ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ is beoordeeld.
a. indien het bevoegd gezag of de penvoerder het gesprek of de gesprekken, bedoeld in artikel 4, eerste tot en met het derde lid, en indien van toepassing het gesprek, bedoeld in artikel 4, vierde of vijfde lid, niet heeft gevoerd;
b. voor zover op de aanvraag het bepaalde in artikel 3, derde lid, van toepassing is;
c. indien de aanvraag betrekking heeft op de activiteiten, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, en het bevoegd gezag reeds subsidie heeft aangevraagd of ontvangt voor de vestiging voor een ander onderzoeks- en verbetercultuurtraject; en
d. indien het bevoegd gezag of de penvoerder een aanvraag indient voor de activiteiten bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, d of f en de kwaliteit van het onderwijs van de desbetreffende vestiging in het primair onderwijs of afdeling of schoolsoort binnen de vestiging in het voortgezet onderwijs waarvoor de subsidie wordt aangevraagd door de Inspectie van het onderwijs bij besluit op peildatum 1 januari 2024 als ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ is beoordeeld.