BWBR0049613
Geldig vanaf 2025-02-15
Artikel 10
Subsidieregeling Ontwikkelkracht 2024/2025 en 2025/2026
1. Een subsidie waarbij het te verstrekken subsidiebedrag minder dan € 125.000,– bedraagt, wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na indiening van de aanvraag.
2. De verantwoording van de subsidie, als bedoeld in het eerste lid, geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G, onderdeel 1, of overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs BES. Indien de activiteiten zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
3. In afwijking van artikel 9.1, vierde lid, van de Kaderregeling, wordt een subsidie waarbij het te verstrekken subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt, verleend binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag, en wordt vastgesteld binnen een jaar na de ontvangst van de verantwoording in de jaarverslaggeving over het laatste kalenderjaar van de activiteitenperiode. De Minister verleent bij het besluit tot verlening van de subsidie een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.
4. De verantwoording van de subsidie, als bedoeld in het derde lid, geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G, onderdeel 1, of overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs BES. De verantwoording gaat vergezeld van een activiteitenverslag. Indien de activiteiten zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
5. De subsidieontvanger toont op verzoek van de Minister door middel van een activiteitenverslag aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn. In dit kader vindt in ieder geval een steekproefsgewijze controle door de Minister plaats. Subsidieontvangers verklaren wanneer zij binnen de steekproef vallen welke activiteiten zijn ondernomen met de subsidie.
2. De verantwoording van de subsidie, als bedoeld in het eerste lid, geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G, onderdeel 1, of overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs BES. Indien de activiteiten zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
3. In afwijking van artikel 9.1, vierde lid, van de Kaderregeling, wordt een subsidie waarbij het te verstrekken subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt, verleend binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag, en wordt vastgesteld binnen een jaar na de ontvangst van de verantwoording in de jaarverslaggeving over het laatste kalenderjaar van de activiteitenperiode. De Minister verleent bij het besluit tot verlening van de subsidie een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.
4. De verantwoording van de subsidie, als bedoeld in het derde lid, geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G, onderdeel 1, of overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs BES. De verantwoording gaat vergezeld van een activiteitenverslag. Indien de activiteiten zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
5. De subsidieontvanger toont op verzoek van de Minister door middel van een activiteitenverslag aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn. In dit kader vindt in ieder geval een steekproefsgewijze controle door de Minister plaats. Subsidieontvangers verklaren wanneer zij binnen de steekproef vallen welke activiteiten zijn ondernomen met de subsidie.