BWBR0044882
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 25
Subsidieregeling coöperatieve energieopwekking
1. De subsidieontvanger realiseert de productie-installatie en heeft deze in gebruik volgens de gegevens zoals ingediend bij de aanvraag voor de subsidie.
2. De verplichting, bedoeld in het eerste lid, geldt tot aan de dag waarop de subsidie wordt vastgesteld.
3. De minister kan op voorafgaand verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, in geval van vertragingen of essentiële wijzigingen. Aan de ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
4. De ontheffing wordt niet verleend indien dit zou inhouden dat de subsidieontvanger de productie-installatie later in gebruik neemt dan twee jaar na de dag waarop de productie-installatie op grond van artikel 24, tweede lid, in gebruik moet zijn genomen.
2. De verplichting, bedoeld in het eerste lid, geldt tot aan de dag waarop de subsidie wordt vastgesteld.
3. De minister kan op voorafgaand verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, in geval van vertragingen of essentiële wijzigingen. Aan de ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
4. De ontheffing wordt niet verleend indien dit zou inhouden dat de subsidieontvanger de productie-installatie later in gebruik neemt dan twee jaar na de dag waarop de productie-installatie op grond van artikel 24, tweede lid, in gebruik moet zijn genomen.