BWBR0044728
Geldig vanaf 2021-01-22
Artikel 15
Tijdelijke maatwerkregeling duurzame inzetbaarheid en eerder uittreden
1. De projectperiode van een activiteitenplan bedraagt ten hoogste 24 aaneengesloten maanden en eindigt uiterlijk op 31 december 2025.
2. De aaneengesloten projectperiode van een activiteitenplan waarvoor in het achtste of negende aanvraagtijdvak subsidie is aangevraagd, eindigt uiterlijk op 31 december 2025 en kan daarmee in afwijking van het eerste lid langer duren dan 24 aaneengesloten maanden.
3. De projectperiode van een activiteitenplan start uiterlijk 3 maanden na de datum waarop de subsidie, vastgelegd in de beschikking tot subsidieverlening, is verleend.
2. De aaneengesloten projectperiode van een activiteitenplan waarvoor in het achtste of negende aanvraagtijdvak subsidie is aangevraagd, eindigt uiterlijk op 31 december 2025 en kan daarmee in afwijking van het eerste lid langer duren dan 24 aaneengesloten maanden.
3. De projectperiode van een activiteitenplan start uiterlijk 3 maanden na de datum waarop de subsidie, vastgelegd in de beschikking tot subsidieverlening, is verleend.