BWBR0038197
Geldig vanaf 2016-10-01
Artikel 9
Regeling omgevingsregime hoofdspoorwegen
1. Degene die hijswerkzaamheden als bedoeld in artikel 3, onderdeel e, in de beschermingszone van een spoorweg in een tunnel verricht, voert deze werkzaamheden ten hoogste uit tot een hoogte die gelijk is aan de kortste afstand tot de buitenwand van die tunnel.
2. Degene die graafwerkzaamheden als bedoeld in artikel 3, onderdeel e, in de beschermingszone van een spoorweg in een tunnel verricht, voert deze werkzaamheden ten hoogste uit tot een diepte die gelijk is aan de helft van de kortste afstand tot de buitenwand van die tunnel.
2. Degene die graafwerkzaamheden als bedoeld in artikel 3, onderdeel e, in de beschermingszone van een spoorweg in een tunnel verricht, voert deze werkzaamheden ten hoogste uit tot een diepte die gelijk is aan de helft van de kortste afstand tot de buitenwand van die tunnel.