BWBR0035848
Geldig vanaf 2019-05-02
Artikel 31
Beleidsregel aanwijzing bijzondere bromfietsen
1. De bijzondere bromfiets is voorzien van ten minste twee onafhankelijke en goed werkende remsystemen, is getest overeenkomstig VN/ECE-reglement nr. 78 en voldoet aan de daarin genoemde remvertragingen en remafstanden.
2. De remvertraging wordt ook behaald als de aandrijving van de bijzondere bromfiets uitvalt.
3. Ten minste één van de remsystemen werkt op basis van frictieremmen.
4. De onderdelen van de remsystemen:
a. zijn deugdelijk bevestigd;
b. lopen niet aan;
c. schuren niet langs voertuigdelen; en
d. zijn niet door corrosie aangetast.
5. De remhendel of het rempedaal maakt geen zodanige slag dat deze tot een aanslag kan worden ingedrukt of ingetrapt.
6. Alle wielen zijn geremd. Remmen van wielen op één as worden door dezelfde remhendel of hetzelfde rempedaal bediend.
7. Van een bijzondere bromfiets op meer dan twee wielen, kan één van de remmen in aangezette toestand worden vastgezet, tenzij een afzonderlijke vastzetinrichting aanwezig is. Deze zogenaamde parkeerrem is mechanisch en voldoet aan VN/ECE-reglement nr. 78.
8. De bijzondere bromfiets heeft een noodstopsysteem als daardoor het risico op een gevaarlijke situatie minder wordt.
9. De remkabels zijn niet gerafeld en goed gangbaar.
10. De bediening van het remsysteem wordt door geen enkel onderdeel van de bijzondere bromfiets belemmerd.
11. Indien de bijzondere bromfiets is voorzien van een hydraulisch remsysteem, bevindt het remvloeistofniveau zich niet onder het minimum.
2. De remvertraging wordt ook behaald als de aandrijving van de bijzondere bromfiets uitvalt.
3. Ten minste één van de remsystemen werkt op basis van frictieremmen.
4. De onderdelen van de remsystemen:
a. zijn deugdelijk bevestigd;
b. lopen niet aan;
c. schuren niet langs voertuigdelen; en
d. zijn niet door corrosie aangetast.
5. De remhendel of het rempedaal maakt geen zodanige slag dat deze tot een aanslag kan worden ingedrukt of ingetrapt.
6. Alle wielen zijn geremd. Remmen van wielen op één as worden door dezelfde remhendel of hetzelfde rempedaal bediend.
7. Van een bijzondere bromfiets op meer dan twee wielen, kan één van de remmen in aangezette toestand worden vastgezet, tenzij een afzonderlijke vastzetinrichting aanwezig is. Deze zogenaamde parkeerrem is mechanisch en voldoet aan VN/ECE-reglement nr. 78.
8. De bijzondere bromfiets heeft een noodstopsysteem als daardoor het risico op een gevaarlijke situatie minder wordt.
9. De remkabels zijn niet gerafeld en goed gangbaar.
10. De bediening van het remsysteem wordt door geen enkel onderdeel van de bijzondere bromfiets belemmerd.
11. Indien de bijzondere bromfiets is voorzien van een hydraulisch remsysteem, bevindt het remvloeistofniveau zich niet onder het minimum.