BWBR0035848
Geldig vanaf 2019-05-02
Artikel 16
Beleidsregel aanwijzing bijzondere bromfietsen
1. De bijzondere bromfiets heeft een door de constructie bepaalde snelheid van niet meer dan 25 km/h.
2. Onverminderd het eerste lid bereikt de bijzondere bromfiets door middel van de aandrijving geen hogere snelheid dan de maximumconstructiesnelheid die de aanvrager in de aanvraag heeft aangegeven.
3. Indien de bijzondere bromfiets kan worden aangedreven door een combinatie van motorische aandrijving en spierkracht schakelt de motorische aandrijving uit bij het bereiken van een snelheid van 25 km/h.
4. De bijzondere bromfiets is niet voorzien van een voorziening met het kennelijke doel de controle op de constructiesnelheid te bemoeilijken of te beïnvloeden.
2. Onverminderd het eerste lid bereikt de bijzondere bromfiets door middel van de aandrijving geen hogere snelheid dan de maximumconstructiesnelheid die de aanvrager in de aanvraag heeft aangegeven.
3. Indien de bijzondere bromfiets kan worden aangedreven door een combinatie van motorische aandrijving en spierkracht schakelt de motorische aandrijving uit bij het bereiken van een snelheid van 25 km/h.
4. De bijzondere bromfiets is niet voorzien van een voorziening met het kennelijke doel de controle op de constructiesnelheid te bemoeilijken of te beïnvloeden.