BWBR0032140
Geldig vanaf 2021-08-20
Artikel 4a.16
Regeling zeevarenden
1. Vissersvaartuigen zijn voorzien van geschikte eetruimten, waar mogelijk, gescheiden van de slaapruimten.
2. Eetruimten zijn zo dicht mogelijk bij de kombuis gelegen, maar zijn niet gelegen voor het aanvaringsschot.
3. In aanvulling op het eerste en tweede lid zijn op vissersvaartuigen met een lengte (L) van 24 meter of meer de eetruimten gescheiden van slaapruimten.
2. Eetruimten zijn zo dicht mogelijk bij de kombuis gelegen, maar zijn niet gelegen voor het aanvaringsschot.
3. In aanvulling op het eerste en tweede lid zijn op vissersvaartuigen met een lengte (L) van 24 meter of meer de eetruimten gescheiden van slaapruimten.