BWBR0029725
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 14
Regeling Stimuleringssubsidies 2
1. Een basisstipendium kan slechts worden toegekend voor zover het belastbaar inkomen van de aanvrager, exclusief een uitkering op grond van de Algemene Bijstandswet, daaronder ook een Wwik uitkering begrepen ofeen verstrekking op basis van een eerder toegekende stimuleringssubsidie in de twee kalenderjaren voorafgaand aan het jaar waarin het basissubsidie wordt toegekend, gelijk of lager is dan een door het bestuur vast te stellen bedrag.
2. Het in het eerste lid van dit artikel bepaalde wordt getoetst aan de hand van de aangiftebiljetten inkomstenbelasting van de twee voorafgaande kalenderjaren.
3. Indien het inkomen in de twee voorafgaande kalenderjaren hoger is dan het in het eerste lid van dit artikel bepaalde zal de aanvraag niet in behandeling worden genomen tenzij sprake is van van tevoren voorziene tijdelijke omstandigheden.
4. Indien het inkomen van de aanvrager in de twee kalenderjaren voorafgaand aan zijn subsidieaanvraag door van tevoren voorziene omstandigheden hoger is dan het in het eerste lid van dit artikel bepaalde, of indien de aanvrager in de twee kalenderjaren voorafgaand aan zijn subsidieaanvraag geen aangifte inkomstenbelasting in Nederland heeft gedaan, dient het inkomen van de aanvrager in het jaar van verlening en in het daaropvolgende jaar gelijk of lager te zijn dan het krachtens het eerste lid van dit artikel door het bestuur vastgestelde bedrag.
Dit zal getoetst worden aan de hand van de definitieve aanslagen inkomstenbelasting over het jaar van verlening en het daaropvolgende jaar. Deze opgaaf dient zo spoedig mogelijk na afloop van dat jaar doch uiterlijk vóór 15 juli van het daar opvolgende jaar te geschieden.
2. Het in het eerste lid van dit artikel bepaalde wordt getoetst aan de hand van de aangiftebiljetten inkomstenbelasting van de twee voorafgaande kalenderjaren.
3. Indien het inkomen in de twee voorafgaande kalenderjaren hoger is dan het in het eerste lid van dit artikel bepaalde zal de aanvraag niet in behandeling worden genomen tenzij sprake is van van tevoren voorziene tijdelijke omstandigheden.
4. Indien het inkomen van de aanvrager in de twee kalenderjaren voorafgaand aan zijn subsidieaanvraag door van tevoren voorziene omstandigheden hoger is dan het in het eerste lid van dit artikel bepaalde, of indien de aanvrager in de twee kalenderjaren voorafgaand aan zijn subsidieaanvraag geen aangifte inkomstenbelasting in Nederland heeft gedaan, dient het inkomen van de aanvrager in het jaar van verlening en in het daaropvolgende jaar gelijk of lager te zijn dan het krachtens het eerste lid van dit artikel door het bestuur vastgestelde bedrag.
Dit zal getoetst worden aan de hand van de definitieve aanslagen inkomstenbelasting over het jaar van verlening en het daaropvolgende jaar. Deze opgaaf dient zo spoedig mogelijk na afloop van dat jaar doch uiterlijk vóór 15 juli van het daar opvolgende jaar te geschieden.
- Citeren als
- Art. 14
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029725
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl