BWBR0029725
Geldig vanaf 01-01-2012
Artikel 15
Regeling Stimuleringssubsidies 2
1. Verstrekkingen op grond van een toegekend basisstipendium vinden uitsluitend plaats op schriftelijk verzoek van degene aan wie het basisstipendium is toegekend.
2. Verstrekkingen op basis van een verlening van een basisstipendium bedragen maximaal 90% van de verlening. (zie artikel 35 lid 3).
3. Degene aan wie een basisstipendium is toegekend, kan hiervannaar behoeven een deel of delen opnemen, met dien verstande dat op jaarbasis maximaal de helft van het toegekende basisstipendium kan worden verstrekt, met inachtneming van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel.
4. Tijdens de periode waarin een beeldend kunstenaar gebruik maakt van een andere subsidie van het Fonds die, naar het oordeel van het bestuur, in dezelfde dekking van kosten voorziet als het basisstipendium kunnen geen verstrekkingen op grond van een reeds toegekend basisstipendium plaatsvinden. Indien de gebruikmaking van de in dit artikel bedoelde subsidie aanvangt in hetzelfde jaar als waarin een of meerdere verstrekkingen hebben plaats gevonden, heeft het bestuur het recht om deze verstrekkingen geheel of gedeeltelijk terug te vorderen c.q. te verrekenen met de andere subsidie. Deze terugvordering of verrekening laat onverlet het recht om het desbetreffende bedrag op een later tijdstip alsnog, conform het in deze Regeling ten aanzien van verstrekkingen bepaalde, op te nemen.
5. Tijdens de periode, waarin een beeldend kunstenaar deelnemer is aan de Rijksakademie van beeldende kunsten, de Jan van Eyck Academie, de Ateliers, of aan onderwijs aan instellingen die krachtens de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek bekostigd worden, kunnen geen verstrekkingen op grond van een reeds toegekend basisstipendium plaatsvinden. Indien deelname aan een van de hierboven genoemde instellingen aanvangt in hetzelfde jaar waarin een of meerdere verstrekkingen hebben plaatsgevonden, heeft het bestuur het recht om deze verstrekkingen geheel of gedeeltelijk terug te vorderen. Deze terugvordering laat onverlet het recht om het desbetreffende bedrag op een later tijdstip alsnog, conform het in deze Regeling ten aanzien van verstrekkingen bepaalde, op te nemen.
6. Degene aan wie een basisstipendium is toegekend, dient, op het moment dat hij/zij een deel van het basissubsidie opneemt, in Nederland of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gevestigd te zijn en indien hij/zij niet de Nederlandse nationaliteit bezit, te beschikken over een geldige verblijfstitel op grond van de Vreemdelingenwet. Bij het verzoek tot verstrekking kan het bestuur verzoeken om een afschrift van het document, waaruit blijkt dat de aanvrager beschikt over een geldige verblijfstitel.
2. Verstrekkingen op basis van een verlening van een basisstipendium bedragen maximaal 90% van de verlening. (zie artikel 35 lid 3).
3. Degene aan wie een basisstipendium is toegekend, kan hiervannaar behoeven een deel of delen opnemen, met dien verstande dat op jaarbasis maximaal de helft van het toegekende basisstipendium kan worden verstrekt, met inachtneming van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel.
4. Tijdens de periode waarin een beeldend kunstenaar gebruik maakt van een andere subsidie van het Fonds die, naar het oordeel van het bestuur, in dezelfde dekking van kosten voorziet als het basisstipendium kunnen geen verstrekkingen op grond van een reeds toegekend basisstipendium plaatsvinden. Indien de gebruikmaking van de in dit artikel bedoelde subsidie aanvangt in hetzelfde jaar als waarin een of meerdere verstrekkingen hebben plaats gevonden, heeft het bestuur het recht om deze verstrekkingen geheel of gedeeltelijk terug te vorderen c.q. te verrekenen met de andere subsidie. Deze terugvordering of verrekening laat onverlet het recht om het desbetreffende bedrag op een later tijdstip alsnog, conform het in deze Regeling ten aanzien van verstrekkingen bepaalde, op te nemen.
5. Tijdens de periode, waarin een beeldend kunstenaar deelnemer is aan de Rijksakademie van beeldende kunsten, de Jan van Eyck Academie, de Ateliers, of aan onderwijs aan instellingen die krachtens de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek bekostigd worden, kunnen geen verstrekkingen op grond van een reeds toegekend basisstipendium plaatsvinden. Indien deelname aan een van de hierboven genoemde instellingen aanvangt in hetzelfde jaar waarin een of meerdere verstrekkingen hebben plaatsgevonden, heeft het bestuur het recht om deze verstrekkingen geheel of gedeeltelijk terug te vorderen. Deze terugvordering laat onverlet het recht om het desbetreffende bedrag op een later tijdstip alsnog, conform het in deze Regeling ten aanzien van verstrekkingen bepaalde, op te nemen.
6. Degene aan wie een basisstipendium is toegekend, dient, op het moment dat hij/zij een deel van het basissubsidie opneemt, in Nederland of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gevestigd te zijn en indien hij/zij niet de Nederlandse nationaliteit bezit, te beschikken over een geldige verblijfstitel op grond van de Vreemdelingenwet. Bij het verzoek tot verstrekking kan het bestuur verzoeken om een afschrift van het document, waaruit blijkt dat de aanvrager beschikt over een geldige verblijfstitel.
- Citeren als
- Art. 15
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029725
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl