BWBR0022174
Geldig vanaf 2009-07-11
Artikel 3.8
Subsidieregeling Wet op het Waddenfonds
Een subsidieaanvrager komt in aanmerking voor subsidie indien:
a. dankzij de investering de subsidieaanvrager het uit zijn activiteiten voortvloeiende niveau van milieubescherming kan doen toenemen, door verder te gaan dan de geldende communautaire normen, ongeacht of er nationale normen bestaan die strenger zijn dan de communautaire norm;
b. dankzij de investering de subsidieaanvrager het uit zijn activiteiten voortvloeiende niveau van milieubescherming kan doen toenemen bij ontstentenis van communautaire normen;
c. de aanschaf van de nieuwe schepen geschiedt voor de inwerkingtreding van de nieuwe communautaire normen, tenzij deze nieuwe normen, zodra deze verplicht worden, met terugwerkende kracht op reeds aangeschafte schepen van toepassing zullen zijn, of
d. bestaande schepen worden aangepast aan milieunormen die nog niet van kracht waren op het tijdstip dat die bedrijfsmiddelen in bedrijf werden genomen of indien voor de schepen geen milieunormen van toepassing zijn.
a. dankzij de investering de subsidieaanvrager het uit zijn activiteiten voortvloeiende niveau van milieubescherming kan doen toenemen, door verder te gaan dan de geldende communautaire normen, ongeacht of er nationale normen bestaan die strenger zijn dan de communautaire norm;
b. dankzij de investering de subsidieaanvrager het uit zijn activiteiten voortvloeiende niveau van milieubescherming kan doen toenemen bij ontstentenis van communautaire normen;
c. de aanschaf van de nieuwe schepen geschiedt voor de inwerkingtreding van de nieuwe communautaire normen, tenzij deze nieuwe normen, zodra deze verplicht worden, met terugwerkende kracht op reeds aangeschafte schepen van toepassing zullen zijn, of
d. bestaande schepen worden aangepast aan milieunormen die nog niet van kracht waren op het tijdstip dat die bedrijfsmiddelen in bedrijf werden genomen of indien voor de schepen geen milieunormen van toepassing zijn.