BWBR0020791
Geldig vanaf 2007-03-20
Artikel 2.3.3
Subsidieregeling ESF 2007–2013
1. Projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, van een subsidieaanvrager aan wie op grond van deze regeling niet eerder subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend, hebben voorrang op projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, van een subsidieaanvrager aan wie op grond van deze regeling eerder subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend.
2. Met betrekking tot de projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, van een subsidieaanvrager aan wie op grond van deze regeling eerder subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend, hebben de projecten die in hogere mate voldoen aan de criteria, arbeidsmarktgerichtheid, innovatief gehalte en netwerkgerichtheid, voorrang op de projecten die in mindere mate aan die criteria voldoen.
3. De mate waarin voldaan wordt aan de criteria, bedoeld in het tweede lid, wordt beoordeeld door het Comité van experts Subsidieregeling ESF 2007–2013/Actie C. Het Comité van experts Subsidieregeling ESF 2007–2013/Actie C kent aan zijn beoordeling een score toe.
4. Indien de beoordeling, bedoeld in het derde lid, ertoe leidt dat projecten een gelijke score hebben, heeft het project van een subsidieaanvrager aan wie minder vaak subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend, voorrang op het project van een subsidieaanvrager aan wie vaker subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend.
5. Indien na toepassing van het vierde lid subsidieaanvragen een gelijke plaats in de rangorde hebben, hebben subsidieaanvragen die betrekking hebben op een project met betrekking tot een school voor voortgezet speciaal onderwijs voorrang op subsidieaanvragen die betrekking hebben op een project met betrekking tot een school voor praktijkonderwijs.
6. Indien na toepassing van het vijfde lid subsidieaanvragen een gelijke plaats in de rangorde hebben, worden die subsidieaanvragen in rangorde geplaatst in volgorde van het tijdstip van binnenkomst van de volledige subsidieaanvraag, waarbij de volledige subsidieaanvraag die op een eerder tijdstip door de minister is ontvangen een hogere rangorde heeft dan een volledige subsidieaanvraag die op een later tijdstip is ontvangen.
7. De minister beslist op het subsidieverzoek met inachtneming van de vorige leden.
2. Met betrekking tot de projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, van een subsidieaanvrager aan wie op grond van deze regeling eerder subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend, hebben de projecten die in hogere mate voldoen aan de criteria, arbeidsmarktgerichtheid, innovatief gehalte en netwerkgerichtheid, voorrang op de projecten die in mindere mate aan die criteria voldoen.
3. De mate waarin voldaan wordt aan de criteria, bedoeld in het tweede lid, wordt beoordeeld door het Comité van experts Subsidieregeling ESF 2007–2013/Actie C. Het Comité van experts Subsidieregeling ESF 2007–2013/Actie C kent aan zijn beoordeling een score toe.
4. Indien de beoordeling, bedoeld in het derde lid, ertoe leidt dat projecten een gelijke score hebben, heeft het project van een subsidieaanvrager aan wie minder vaak subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend, voorrang op het project van een subsidieaanvrager aan wie vaker subsidie voor een project als bedoeld in artikel 1.2 , eerste lid, onder c, is verleend.
5. Indien na toepassing van het vierde lid subsidieaanvragen een gelijke plaats in de rangorde hebben, hebben subsidieaanvragen die betrekking hebben op een project met betrekking tot een school voor voortgezet speciaal onderwijs voorrang op subsidieaanvragen die betrekking hebben op een project met betrekking tot een school voor praktijkonderwijs.
6. Indien na toepassing van het vijfde lid subsidieaanvragen een gelijke plaats in de rangorde hebben, worden die subsidieaanvragen in rangorde geplaatst in volgorde van het tijdstip van binnenkomst van de volledige subsidieaanvraag, waarbij de volledige subsidieaanvraag die op een eerder tijdstip door de minister is ontvangen een hogere rangorde heeft dan een volledige subsidieaanvraag die op een later tijdstip is ontvangen.
7. De minister beslist op het subsidieverzoek met inachtneming van de vorige leden.